19-05-14

Schaken: reglementen en sportiviteit

Het hoogte- of dieptepunt van de WK-match tussen Topalov en Kramnik in 2006 was ongetwijfeld de toiletgate. Bijna acht jaar later lijkt het erop dat een jeugdige Nederlandse schaker Topalovs vrees in praktijk heeft gebracht. Op een toernooi in Roemenië werd hij op heterdaad betrapt toen hij op het toilet zijn stelling aan de schaakengine van zijn smartphone voerde. Hij werd meteen uit het toernooi geknikkerd. Als de beschuldigingen juist zijn, kan hij zware sancties tegemoet zien, want valsspelen, daar staan flinke straffen op.

Heel wat moeilijker is de gang van zaken te beoordelen in de slotronde van de meesterklasse van ruim een week geleden. En Passant was met twee ronden te gaan al praktisch kampioen en maakte van die luxepositie gebruik door met een verzwakt team aan te treden. Het gevolg: tegenstander Rotterdam won de wedstrijd en bleef derde, dit tot groot ongenoegen van HMC. De grote vraag was of de landskampioen laakbaar had gehandeld. Volgens de letter van het reglement had de ploeg niks misdaan, maar volgens de geest van het reglement ook? Er barstte in ieder geval een vrij verhitte discussie los die Richard Vedder, die al jaren op enthousiaste wijze de wedstrijden van zijn team verslaat, helemaal van zijn stuk bracht.

In Nederland hebben schaakteams veel keuzevrijheid in het opstellen van hun spelers. Iedereen die lid van de club is, kan in (het hoogste team) meespelen. Zo kon het dus voorkomen dat En Passant in de slotronde met vijf (officieel zelfs zeven) invallers speelde. De officiële verklaring was dat alle topspelers allemaal niet konden, maar het lijkt er sterk op dat er een financiële afweging aan ten grondslag lag, wat vanuit de club overigens wel te begrijpen is. Het is een probleem dat vooral in de meesterklasse, met veelal gesponsorde teams, voorkomt. De teams proberen met minimale middelen hun doel (doorgaans kampioen worden of niet degraderen) te bereiken, wat ertoe leidt ze sommige wedstrijden maar een beetje laten lopen en dat komt de eerlijkheid van de competitie niet ten goede. Helemaal eerlijk zal de competitie natuurlijk nooit verlopen, doordat er altijd wel spelers ziek worden of om andere redenen verhinderd zijn. De vraag is alleen waar de grens ligt tussen wat wel en niet acceptabel is.

Het afgelopen seizoen trad En Passant aan met een team met een gemiddelde rating van 2472. In de slotronde was het gemiddelde van de tien spelers "nog maar" 2161, lager dan van alle andere teams. In de volgende grafiek, waarbij de gemiddelde rating van het team van En Passant is uitgezet tegen de gemiddelde rating van de tegenstander, valt de uitbijter dan ook goed op:


Interessanter wordt het als we die uitbijter negeren:


Het lijkt erop dat En Passant bij het selecteren van de spelers duidelijk heeft geanticipeerd op de (verwachte) sterkte van de tegenstander: En Passant kwam het sterkst op tegen de teams die op papier de grootste bedreiging vormden. Zo trof HMC een En Passant dat gemiddeld van grootmeesterniveau (2509) was en dus leverde de laatste ronde juist bij de ploeg uit de hertogstad scheve gezichten op.

Geld wordt dus strategisch ingezet. Zo kwam degradatiekandidaat Groningen in de eerste seizoenshelft sterk op (gemiddelde rating: 2374), om in de tweede seizoenshelft met een veel zwakker team (gemiddelde rating: 2249) voor de dag te komen:


Na de vijfde ronde hadden de Noorderlingen drie keer gewonnen en dat bleek genoeg voor lijfsbehoud. In de tweede seizoenshelft bleven hun kanonnen Tiviakov en Werle thuis, waarna Groningen zelf kanonnenvoer was en vier keer verloor. Is dat competitievervalsing? En is één wedstrijd met een relatief heel zwak team "erger" dan vier wedstrijden met een beduidend zwakker team aantreden? Lastig te zeggen.

Misschien moet het reglement wel worden aangepast, maar het middel kan natuurlijk erger zijn dan de kwaal. Een aantal regels dat mij veelbelovend lijkt:
  • Een beperking van het aantal spelers dat voor een team mag spelen (bijvoorbeeld 16)
  • Een minimumaantal van het aantal "vaste" spelers dat moet spelen (bijvoorbeeld 6)
  • Het minimumaantal partijen dat de "vaste" spelers moeten spelen verhogen van 2 naar bijvoorbeeld 5
Die laatste regel leidt echter meteen weer tot problemen, want dan was BSG het afgelopen seizoen ook in overtreding geweest (Large kon vanwege een stage slechts vier partijen meespelen en we hadden geen invaller die vijf of meer partijen heeft gespeeld). De moeilijkheid is dus om de regels zo te formuleren dat ze het beoogde effect sorteren, zonder dat ze bij alle clubs voor grote problemen zorgen (bijvoorbeeld in de vorm van onmogelijke puzzels met spelers). Het mooiste is als er helemaal geen regels meer nodig zijn, maar dat is waarschijnlijk slechts een utopie.

In ieder geval vind ik het jammer dat En Passant een nare bijsmaak aan het kampioenschap heeft overgehouden, dus daarom wil ik ze hierbij een spreekwoordelijke aai over de bol geven. Gefeliciteerd met het kampioenschap en tot volgend seizoen!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Heeft u vragen en/of toevoegingen, laat dan hier een reactie achter: