25-04-13

De Nederlandse spelling – een voorstel tot wijziging

Talen veranderen door de tijd. In sommige talen, zoals het Engels, is dit niet terug te zien in de spelling. Het Nederlands valt in een geheel andere categorie: de Nederlandse spelling wordt om de zoveel tijd aangepast. Vaak zijn dit vrij pietluttige dingen, zoals de beruchte tussen-n die in 1995 ineens verplicht werd, of samenstellingen die met een trema geschreven moesten worden in plaats van met een koppelteken, of juist andersom.

Aan de basis van de Nederlandse spelling wordt echter niet getornd. In het buitenland wordt de Nederlandse spelling – met al die dubbele klinkers – vaak belachelijk gemaakt. Het is me alleen niet duidelijk waarom het omgekeerde systeem, waarbij juist de medeklinkers worden verdubbeld om een korte klank aan te geven, niet net zo belachelijk zou zijn. Wat dieper onder de oppervlakte zijn er wel eigenaardigheden. Ik ben geen voorstander van een volledig fonetische spelling, maar ik ben wel van mening dat sommige dingen logischer of consequenter kunnen.
 
Deel 1: Klinkers
De Nederlandse spelling gebruikt het Latijnse alfabet. Het nadeel is dat dit alfabet maar vijf klinkers heeft en dat is bij lange na niet genoeg om alle dertien klinkers (plus de drie tweeklanken) weer te geven. Het Nederlands heeft vijf “korte” klinkers en die worden netjes met de “Latijnse” klinkers (a, e, i, o, u) weergegeven. Al vrij vroeg in de geschiedenis van de Nederlandse spelling is ervoor gekozen om lange klanken met meerdere klinkers aan te duiden. In het huidige Nederlands zijn dubbele klinkers ook altijd “lang”: denk maar aan de aa, ie en oe.

Een complicatie is dat de “korte” klinkers in een open lettergreep eveneens een lange klank aanduiden (openklinkerregel) en dat geeft weer complicaties met de spelling:
 
1. tak – takken
2. taak – taken
3. leeuwerik – leeuweriken
4. komma – komma’s
 
Dit zijn zomaar wat voorbeelden van woorden waarbij de nadelen van het Nederlandse spellingssysteem aan het licht komen: bij het meervoud van “tak” komen er ineens drie letters bij en bij het meervoud van “taak” maar één. Als we “tak” (op z’n Duits) als “tack” zouden schrijven en “taak” als “tak”, zouden we met dit fenomeen niet te maken krijgen. Er zijn echter al gevallen waarbij dit niet gebeurt, namelijk bij onbeklemtoonde lettergrepen (3). Verder kunnen meervouds-s’jes door de openklinkerregel niet aan een woord dat op een klinker eindigt geschreven worden, dus moet er een apostrof geschreven worden (4).
 
Er is echter een reden dat het Nederlands de regel hanteert dat gesloten klinkers kort zijn en open lang: in sommige gevallen gaat een korte klank in het meervoud over in een lange klank. Voorbeelden hiervan zijn dag – dagen, weg – wegen, lot – loten. De korte en lange klinkers zijn op een bepaalde manier met elkaar verbonden.
 
Twee “lange” klinkers staan een beetje op zichzelf: de oe en de eu. De oe is een beetje een gekke klank in het Nederlands. Bijna alle talen duiden de klank aan met een u. In het Nederlands is de oe contextongevoelig: de oe in doe (open) is hetzelfde als de oe in doen (gesloten). Hetzelfde geldt voor de eu, die klinkt ook altijd hetzelfde (behalve voor een r).
 
Naast deze lange klinkers heeft het Nederlands ook nog drie tweeklanken: de ei/ij, de ui en de au/ou. Door allerlei klinkerverschuivingen zitten we nu met een systeem waarbij twee klinkercombinaties dezelfde klank(en) aanduiden en daar worden geregeld fouten mee gemaakt.
 
Daarom stel ik voor de spelling van de lange klinkers aan te passen, om een logischere en vooral makkelijkere spelling te krijgen.
 
De tweeklank ei/ij is een vervelende. Nederlanders maken er vaak fouten mee en buitenlanders weten zich er vaak geen raad mee (Dirk Kuijt werd ooit als “Dirk Koejiet” aangekondigd wielrenner Jeroen Blijlevens werd door de Fransen steevast “Bliezjeluhveng” genoemd). Oorspronkelijk gaf de ei een ee-klank (denk aan hoeveelheid/hoeveelheden) aan en de ij de ie-klank (als in bijzonder), maar in het huidige Nederlands klinken ze hetzelfde. Eigenlijk geeft de lettercombinatie ei de klank goed weer, dus laat ik die ongemoeid. Rest de vraag wat er met de ij moet gebeuren. Helemaal schrappen kan niet, want in sommige woorden is er wel een verschil in betekenis (zoals in leiden/lijden). Daarom stel ik voor de ij in ey te veranderen, zodat het betekenisverschil behouden blijft, maar het verschil in spelling gereduceerd wordt.
 
Ook lastig is het onderscheid tussen au en ou. Ik stel voor om hier altijd au te schrijven. Dat ziet er misschien iets minder mooi uit, maar het is fonetisch gezien beter (de tweeklank is in feite een a die langzaam verandert in een oe, die zoals we weten, doorgaans met een u wordt aangeduid) en wel zo gemakkelijk.
 
Dat brengt me bij de laatste tweeklank, de ui. Oorspronkelijk was deze klinkercombinatie bedoeld om de “nieuwe” uu-klank aan te duiden (heel veel talen, waaronder het Italiaans, Spaans en Engels hebben deze klank niet.) In het huidige Nederlands staat de klinkercombinatie voor een extreem zeldzame tweeklank, die een beetje tussen de ei en au in ligt. Daarom stel ik voor dit in de spelling naar voren te laten komen door de klank met eu aan te duiden. In Griekse ontleningen wordt de eu vaak al als “ui” uitgesproken (zoals in therapeut en propedeuse), dus maakt de spellingswijziging het leven er alleen maar makkelijker op.
 
Consequentie is wel dat er een andere klinkercombinatie moet komen om de eu-klank aan te duiden. Daarom ga ik van het Frans naar het Duits: de eu zal met oe worden geschreven. Dit is niet gek: de articulatieplaats van de “eu” ligt als het ware tussen de ee en de oo in.
 
Ten slotte kan de oe-klank mooi als in het Frans (en in mindere mate Engels) met ou geschreven worden. Ook dat is logischer: technisch gezien ligt de oe-klank tussen de oo- en de uu-klank in. De oe-klank heeft dan ook weinig gemeen met de e waar hij door wordt weergegeven. Oorspronkelijk was oe de spelling van onze huidige oo-klank, waarbij de e alleen aangaf dat het een lange klank betrof. Door een klankverschuiving geven we er nu de oe-klank mee weer. Daarin is het Nederlands dus uniek (alleen in het Engelse “shoe” staat de combinatie oe voor een oe-klank).
 
Al met al stel ik voor:
ij --> ey
ou --> au
ui --> eu --> oe --> ou
 
De tweeklanken worden dan geschreven als ei, eu en au, ofwel twee beginnen met een e en twee eindigen op een u. De twee “opzichzelfstaande” klinkers (oe/ou en eu/oe) beginnen nu allebei op een o en zijn zo goed herkenbaar.
 
Zo, dat was mijn eerste reeks suggesties voor een nieuwe, logischere spelling van onze taal. Binnenkort meer.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Heeft u vragen en/of toevoegingen, laat dan hier een reactie achter: