20-01-2012

Sheba

Met betraande ogen en pijn in het hard voelde ik me verplicht jullie mede te delen dat mijn superlieve kat Sheba zojuist is overleden.

Sheba in betere tijden (2006)

Toen ik nog een klein jochie was, hadden we een konijn als huisdier, die ik Bruinoog had genoemd. Een schoolvriend had er een mooie zwarte kat, die de naam Drop had gekregen. De buren hadden eveneens katten: Streepje en Jara, hoewel Jara vlak nadat ze twee katertjes (een rode en een zwarte) het leven had geschonken, werd doodgereden. Hierdoor besloten de buren Muis, het zwarte exemplaar, maar te houden. Op school las ik graag een boekje over een zwart katje, genaamd Sheba. Zo'n dier wilde ik dus ook! Het toeval wilde dat een kennis in het voorjaar van 1995 een nestje met katten had. M'n moeder had hieruit een katje gekozen. Dit was echter geen zwarte kat, maar een lapjeskat.

Op mijn verjaardag was het dan zover: we gingen naar de kennissen toe om het verjaardagscadeau te bezichtigen. Ik wist natuurlijk al dat ik haar Sheba ging noemen. Als kersverse 9-jarige had ik natuurlijk geen benul van de taal die aan de andere kant van de Noordzee wordt gesproken, dus noemde ik haar /ˈʃɛba/ ("sjebba").
Na de kennismaking gingen we nog op vakantie. Bij terugkomst kwam Sheba bij ons wonen. De vakantie was bijna voorbij. Op de laatste dag van de vakantie gingen we m'n nieuwe fiets uittesten op de hei. Prompt verloor ik op een snelle afdaling de macht over het stuur en maakte ik een fikse smak, waardoor m'n kop onder de korsten zat en ik de eerste week van school moest missen. Gelukkig kwam Sheba toen lief bij me liggen. ;)

Sheba was een makkelijke poes. Alleen in het eerste jaar liep ze een tijdje mank doordat ze waarschijnlijk een keer was uitgegleden. In haar jonge jaren heeft ze veel met Muis gestoeid. Ik weet niet of ze toen gewoon goede vrienden waren, of dat er meer achter zat. ;) Verder lag ze graag bij het konijn in z'n hok. De eerste keer kon ik het bijna niet geloven: ze sprong zo het hok in, niet om het konijn iets aan te doen, maar om in het stro te liggen.

Helaas ging Bruinoog vrij kort daarna dood, waarna Ewood een konijn als huisdier kreeg. Helaas hielden deze beestjes het niet lang vol. Slechts Snuffie wist het voor een wat langere tijd uit te houden, maar hij was na twee jaar ook ineens dood. Had misschien iets met giftig graszaad te maken. Daarna hadden we nog Sneeuwbeer, op het oog een schattig wit konijntje, maar eigenlijk een enorme wildebras. Al na een paar nachten besloten m'n ouders dat Sneeuwbeer permanent in het buitenhokje zou verblijven. Sheba heeft dan ook nooit aangedurfd om bij Sneeuwbeer in het hok te liggen. Helaas overleed Sneeuwbeer ook onverwacht. Hij was, net als Snuffie, maar iets van twee jaar oud geworden. Ewood had er genoeg van. Hij wilde ook een kat, want die beesten leefden langer.

Bonnie
Inmiddels was Sheba alweer bijna zeven jaar. De volwassen Sheba was een beeldschone poes, die zich als een koningin voortbewoog. Het moeten de mooiste tijden uit haar leven zijn geweest, want na de vakantie was alles anders. Na mee te hebben gedaan aan een jeugdtoernooitje in Bagneux, trokken we iets verder Frankrijk in. Helaas verslechterde het weer, waardoor we eerder dan gepland terugkeerden. Daardoor zijn we uiteindelijk aan onze tweede kat gekomen, Bonnie.

Bonnie was eveneens een lapjeskat. Oppervlakkig gezien leek ze wel op Sheba, maar haar karakter was volledig anders. Zeker in haar beginjaren was Bonnie een ongelooflijk sociaal diertje. Altijd kwam ze vrolijk naar mensen toe, anders dan Sheba, die liever op zichzelf was. Wel leek Bonnie wat hersencellen te missen, maar het was een erg leuk diertje. Sheba had het echter niet zo op haar, waardoor ze vaak naar Bonne zat te blazen. Geprobeerd werd de twee poezen aan elkaar te laten wennen door ze uit dezelfde voerbak eten te geven, maar dat had niet echt effect.

In die tijd was Bonnie eigenlijk bij iedereen altijd het lievelingetje. Ze was klein en dat bleef ze, waardoor ze er heel schattig uitzag. Het waren misschien wel de lastigste jaren voor Sheba. Dat zou echter veranderen toen Jean Loulou thuis ging werken. Al snel werd hij dikke maatjes met Sheba, die hem vaak opzocht als-ie op z'n kamer aan het werk was. Ineens begon hij positieve verhalen over d'r te vertellen. Sheba bloeide weer helemaal op, terwijl Bonnie juist angstiger werd.

Het was ook een beetje de periode waarin de machtsstrijd tussen de twee katten losbarstte. Sheba was al op leeftijd en ze was niet meer de dominante kat in huis. Wel zaten de katten geregeld "tegen elkaar op te bieden", waardoor er soms in een week twee of drie vogels in de tuin lagen. Toen Sheba nog ouder werd, hield ze wel op met muizen of vogels vangen. Waar Bonnie nog steeds wild wordt van een overvliegende vogel, kon het Sheba weinig meer doen.

Latere jaren
In 2008 overleed Ajax, waardoor al Sheba d'r broertjes en zusjes waren overleden. Sheba was toen (op het oog) nog kerngezond. In 2010 verhuisden de buren. Muis verhuisde mee, waardoor Sheba d'r levenskameraad moest missen. Vorig jaar ging haar gezondheid plotseling hard achteruit. Mijn ouders waren in mei op vakantie, waardoor er niemand thuis was. Toen ik thuiskwam, trof ik een erg bange en angstige Sheba aan. Wat er gebeurd is, weet ik niet, maar ik vermoed dat Bonnie ermee te maken heeft gehad. Snel werd een afspraak gemaakt bij de dierenarts, waar bloed werd afgenomen. Hieruit bleek dat Sheba d'r nieren het niet goed meer deden. Hiervoor kreeg ze een speciaal eiwitarm dieet. Wel was ze inmiddels al (zo goed als) doof geworden.

Toen iedereen in augustus weer op vakantie was, ging het opnieuw slecht met haar. Ze at niet meer, dus kreeg ze weer ander voer, waar je dan een poedertje (fosfaatbinders) over moest strooien. Dat ging een tijdje goed, maar uiteindelijk begonnen de nieren toch weer hun tol te eisen, want door de opstapeling van afvalstoffen zorgde ervoor dat ze langzaam blind werd. Drie maanden geleden sprong ze van de vensterbank pardoes in m'n kopje thee, wat al deed vermoeden dat haar gezichtsvermogen niet meer was wat het geweest is. Een paar weken later zag ze echt niks meer en liep ze overal tegenaan.

Laatste dagen
Hoewel Sheba doof en blind was, reageerde ze natuurlijk nog wel op aanrakingen en at ze nog goed. Gisteravond werd ik echter door m'n moeder gebeld dat het niet goed ging met d'r. Ze at en dronk niet meer. Het einde kon weleens heel snel in zicht zijn. Of ik naar huis kon komen. Natuurlijk wist ik dat het eraan zat te komen, maar dat het nu zo dichtbij was, kwam hard aan. Ik was mijn emoties niet meer de baas.

Tijdens de terugtocht naar huis wist ik de verdrietige gevoelens te verdringen. Sheba lag in haar mandje te slapen. Het zag er heel vredig uit. Mijn verdriet was weg. Ik wist dat Sheba eigenlijk al een paar maanden eerder was gestorven. Nooit zou het meer zoals vroeger worden. Die avond wist ik haar nog wat te laten drinken, waarna ik haar nog wat eten gaf, maar ze at nauwelijks wat. Ik was in ieder geval blij dat ze wat gedronken had.

Vandaag ging het helemaal slecht. Bonnie lag nu in Sheba d'r mandje en Sheba lag verderop. Ze kon zich nauwelijks meer bewegen en ze reageerde eigenlijk nergens meer op. Tegen het eind van de middag, toen Bonnie niet meer in het mandje lag, heb ik Sheba in het mandje gelegd. Ze bleef bijna in dezelfde houding liggen als waarin ze eerst lag. Om iets voor acht uur vertelde Jean Loulou me dat het gebeurd was. Het diertje waar ik ruim zestien jaar voor heb gezorgd, is er niet meer.

Sheba
/ˈʃɛba/

* 21-05 1995
+ 20-01 2012

16 lange jaren was je in leven, maar nu ben je voor altijd dood. :'(

18-01-2012

Vier ronden Tata-Steel

Hoewel er nog negen ronden zijn te gaan, is er al tekening in de stand gekomen. In de A-groep maken Carlsen en Aronian de dienst uit. Hoewel Aronian het onderlinge duel verloor, wist hij wel van de andere deelnemers te winnen. De twee koplopers zijn tevens de enige spelers die met wit echt wat weten te bereiken, dus hun hoge posities zijn verdiend.

Daar kan onze eigen held Anish Giri nog een puntje aan zuigen. In de eerste ronde schoof hij Gelfand mooi weg in een eindspel. Dat hij dat hoge niveau niet kon vasthouden, was niet zo gek. Drie ronden later heeft hij echter maar twee remises aan zijn totaal weten toe te voegen, waardoor hij op gelijke hoogte staat met King Look. Als volleerd pokeraar wist hij zich af en toe uit slechte stellingen te bluffen. Dat de wereldtop is overgeschakeld op 1.d4-openingen, komt hem ook niet verkeerd uit. En zie: na vier ronden heeft hij keurig vier halfjes achter zijn naam staan, met al drie zwartpartijen achter de rug.

De toernooiwinnaar van vorig jaar, Nakamoura, verkeert met 1½ punt in de onderste regionen. Zijn spel ziet er vaak (zoals in de eerste ronde) onbegrijpelijk uit en zeker niet goed. Leek het er vorig jaar nog op dat hij in samenwerking met Kasparof de schaakelite kon verrassen, dan is dat nu in ieder geval heel ver weg. De rodelantaarndrager is Navara, die pas één punt heeft. Na twee saaie remises met wit, besloot hij wat aanvallender te spelen, met als resultaat dat hij tweemaal verloor.

In de B-groep is Pentala Harikrishna (of Harikrishna Pentala, laten we 'm maar Sissel 2 noemen) de trotse koploper met 3½ punt. In de eerste ronde versloeg hij ratingfavoriet Bruzon, die er vooralsnog weinig van bakt. Gisteren blies Sissel 2 pas stoom af met een remise. Zijn voorsprong op de nummers twee (L'Ami en Motyleëf) is een vol punt. Erwin L'Ami was goed op weg. Hij had Tiviakof in de eerste ronde aan de zegekar gebonden, waarna hij remiseerde en won. Tegen Sipke Ernst, die juist een nachtmerriestart van het toernooi meemaakte, was hij op weg naar een strakke overwinning, toen hij lelijk misgreep en zelfs nog verloor. Ondanks het bemazzelde punt staat Ernst nog onderaan, samen met onder andere Bruzon en Potkin. In de middenmoot staan Tiviakof (twee overwinningen en twee nederlagen) en Reinderman (vier remises.)

In de C-groep houdt ratingfavoriet Tourof huis. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat hij ook de vier zwakste deelnemers heeft gehad. Wel behaalde hij zijn score met drie zwartpartijen. Volgens de kenners is hij met wit veel gevaarlijker. Daar bleek weinig van, want juist in zijn witpartij tegen Lisa Shoot zat hij enorm te knoeien.

Het andere ratingkanon, MadU Sadler, is na een goede start teruggevallen. Na een gedegen overwinning in de eerste ronde, speelde hij drie remises. Tegen Sagdef had dat gemakkelijk een halfje minder kunnen zijn, tegen Elizabeth Pets had dat een halfje meer moeten zijn. Met 2½ punt staat hij op gelijke hoogte met Eugene Riaan d'or, wiens winstpunten hem wel erg makkelijk kwamen aanwaaien. Met zwart ging het beduidend minder. Op vijftig procent staan Daan Brandenburg en Large in de door Nederlanders gedomineerde groep. Larges score kwam niet tot stand door vier remises, want hij verloor van Eugene, om vervolgens van Danielian te winnen, die overigens weinig heeft klaargespeeld dit toernooi. Rodelantaarndrager is echter Pieter Hopman Breedborst, die ook geen beste indruk maakt.

Dat was de voorbeschouwing. Tijd voor de partijen!

16-01-2012

Een dagje Wijk aan Zee

Gisteren was ik toeschouwer in Wijk aan Zee bij het Tata-Steel Chess-Tournament. Ik was er zeker niet voor het eerst: vorig jaar en in 2008 was ik een dagje toeschouwer op dit grote en vooral sterkbezette toernooi, dat weliswaar steeds onder een andere naam door het leven gaat (Hoogovens, Corus en nu dus Tata-Steel), maar verder in al die jaren nauwelijks is veranderd. Nog steeds spelen de amateurs in dezelfde zaal als de wereldtoppers en dat vindt men leuk.

De Baarnse delegatie had al eerder plannen gemaakt om naar het toernooi af te reizen. Mij leek het ook wel leuk. De witte wilde wel rijden, maar helaas kon ik hem zaterdag maar niet te pakken krijgen. Pas tegen middernacht kreeg ik contact. Helaas had mijn computer toen een vervelend virus opgelopen, waardoor ik niet meer op internet kon komen. Het idee was dat ik om 12:00 bij Naarden-Bussum zou worden opgehaald, had ik begrepen. Gelukkig kon ik de witte zondagochtend nog net te pakken krijgen, waarna er meer duidelijkheid kwam. Hij zou me zelfs thuis ophalen. Chill!

Rond tien voor twaalf reed een blauwe Peu Chaud langs, wat klaarblijkelijk Witkops nieuwe bolide was. Hij had Yme B. meegenomen en bij het station werd Ton opgehaald. De heenreis verliep voorspoedig: er waren weinig auto's op de weg, dus konden we ongehinderd doorrijden. De Tata-Steel Avenue (een rondweg om Beverwijk heen), die de doorstroming bevorderde, vond hij helemaal geweldig.

We waren nog vroeg en in de speelzaal zaten alleen wat oude parlementariërs te schaken, waaronder Jan Nagellak. Toen het bijna half twee was, en de ronde op het punt stond om te beginnen, was de speelzaal veranderd in een mierennest. De "toppers" zaten, zoals altijd, in de hoek weggestopt, achter een afscheiding, zodat het publiek op afstand werd gehouden. Het publiek kon zich vergapen aan de liveborden, hoewel een aantal oude mannetjes dat deed aan de schaaksters in de C-groep. Die waren pontificaal op de plek neergezet waar ze het dichtst bij het publiek zaten. Een slimmigheidje van de organisatie? Achter elkaar zaten Sadler-Sagdef (sorry, VR!), Haast-Riaan d'or, Schut-Danielian (chick-fight) en Govert-Pets. Naast de aandacht van het publiek, vond Alinea Motoc (vrouw van Erwin L'Ami), gewapend met een fototoestel, het nodig ze talloze keren te vereeuwigen. De schietpartij hield maar niet op.

Large zat een rij verderop. Hij kon zich in alle rust voorbereiden op zijn partij tegen de Indiase grootmeester Adhiban. Ook MadU Sadler concentreerde zich op zijn partij tegen Sagdef, iets wat Ton heel knap vond. De Gentleman besloot echter Schots te spelen. Hij koos een creatieve behandeling, die echter maar weinig opleverde. Shoot-Danielian mondde al snel uit in een saai eindspel, terwijl Haast-Riaan d'or een gevecht om leven en dood leek te worden. Bij Large was helaas weinig te zien, dus gingen we maar naar het commentaar luisteren van niemand minder dan Ivan Sokolof.

De commentaarzaal zat helaas al bijna helemaal vol. Gelukkig was er nog een rij over voor de Baarnse delegatie, waaronder Pascal, Sissel, Bart, 14, Bram R. en degenen die ik eerder al genoemd heb. We wachtten en wachtten maar, maar van Sokolof geen spoor. Na een kwartier kwam er een mannetje vertellen dat ook de organisatie niet wist waar de grootmeester was. Gelukkig kon Gert Ligterink in alle haast worden opgetrommeld als vervanger. In zijn zondagse kleren ging hij de partijen onvoorbereid te lijf, al worstelend met de schaakstukken die steeds van de analyseborden vielen.

De "tweelingpartijen" Giri-Radjabof en Topalof-Van Wely werden behandeld, net als Aronian-Nakamoura en Ivantsjouk-Carlsen (omdat het publiek dat zo graag wilde, niet omdat het zo'n leuke partij was.)

Ligterink deed het niet onaardig, maar hij werd uiteindelijk wel afgelost door Sokolof, die zich verslapen bleek te hebben. Hij begreep zelf ook niet hoe dat nou kon... Vervolgens nam hij het commentaar over. In zijn steenkolen-Nederlands brabbelde hij de tijd bij elkaar. Wanneer een stelling zo goed als uitgeanalyseerd was, richtte hij zich tot de man achter de computer. "Any muffs?", vroeg-ie dan, waarna er vaak weer wat zetten werden opgerakeld.

Bij Giri verliep de opening niet helemaal naar wens, waardoor hij al vlug remise aanbood. Radjabof was kennelijk tevreden met een vlugge puntendeling met zwart, want hij nam het aan. Ook King Look leek de zaken redelijk voor elkaar te hebben tegen Topalof. De Zemish-variant van het Koningsindisch is op hoog niveau blijkbaar toch niet zo kansrijk voor wit.

Interessanter was het bij Aronian-Nakamoura. De zwartspeler haalde toepasselijk het Hollands uit de kast, maar al snel kwam er een soort Benoni-achtige structuur op het bord. Aronian gaf veld c5 weg in ruil voor veld d4, maar zijn zet 15.Pb5 sloeg als een tang op een varken. Misschien was het een soort arrogantie, zoals we van Aronian wel gewend zijn, maar achteraf gaf Bronian bescheiden toe dat zijn opening eigenlijk nergens op leek. Daar was Sokolof het mee eens, hoewel de computer de stelling steeds als ongeveer gelijk beoordeelde. Pascal, die nog bij de partijen was wezen kijken, "voorspelde" dat Aronian zijn dame zou offeren. Dat kon alleen maar slecht nieuws zijn en inderdaad, na het "dameoffer" waren wits problemen als sneeuw voor de zon verdwenen. Althans, zo leek het. Hoewel Nakamoura slechts één kwadrant van het schaakbord bezet hield, wist hij het juiste plan te vinden, waardoor hij gevaarlijk tegenspel kreeg. Helaas vergreep hij zich in tijdnood aan de pion op e6, waarna hij in de problemen kwam en na een lang en slopend eindspel alsnog verloor.

De partij Ivantsjouk-Carlsen werd nooit spannend en Sokolof liet de partij ook links (en voor hem rechts) liggen. Het was inmiddels donker geworden en nadat we nog even in de speelzaal hadden gekeken, gingen we naar een pizzahut vlak bij de speelzaal.

De hut zat helemaal vol met schakers. Gelukkig had Pascal gereserveerd, zodat er voor ons nog plek was. Wel zaten we bij de uitgang van de keuken, waarna een serveerster ons nogal knorrig vroeg of we niet iets konden inschikken. Tja, het is toch niet onze schuld dat hun ruimtelijke planning zo slecht is? Gelukkig kon de tafel nog iets naar de muur verplaatst worden, maar het bleef krap. Ook zaten we nog naast een man met een ongemanierde hond, die zelfs een keer bij Ton op schoot sprong. Het beest lag de rest van de tijd half in het gangpad in de weg te liggen.

Tijdens het eten, dat overigens wel te doen was, werd er nog veel geschaakt. Ton liet ons een aantal schaakstudies oplossen, terwijl Bram op een ander bord een onnodige nederlaag deelde met de rest van de groep. Ook werd er gedronken op de remise van Large, die vanuit een verloren stelling nog een half punt wist te slepen, waardoor hij met 1 uit 2 nog goed op schema ligt.

Om een uur of negen werd de wijk aan zee verlaten, maar niet voordat de witte het ijs van zijn ruiten had gekrabd. Zelfs dicht bij het warme Noordzeewater waren zijn ruiten bevroren, wat hij niet heel erg kon waarderen. Toch was de dag al met al wel geslaagd. ;)

14-01-2012

Persoonlijke ontwikkeling

Tijdens het veldwerk in Salzburg in 2010 werd er geregeld teruggeblikt op de voorbije drie studiejaren. Onze docent (Mark B.) merkte op dat we in die tijd behoorlijk waren veranderd. Zelf had ik er nooit zo bij stilgestaan, dus die opmerking kwam een beetje als een verrassing voor me. Ik had zelf het idee dat ik nog redelijk "hetzelfde" was gebleven. Misschien een beetje dikker geworden, maar voor de rest dacht ik dat ik in grote lijnen nog steeds dezelfde persoon was.

Misschien had ik ongelijk. Kijk bijvoorbeeld naar mijn schrijfsels uit 2007 en 2010 en je zult zien dat er een duidelijke ontwikkeling is geweest. Ik ben wijzer geworden, maar ik had het idee dat dat eigenlijk alleen in de schrijfsels naar voren was gekomen en niet zozeer in het dagelijks leven.

De afgelopen jaren is er natuurlijk ook wel het een en ander gebeurd. Zo had ik in 2007 nog geen studie met succes afgerond. Toch was ik toen zeker niet ongelukkig. Ik vermaakte me altijd wel. Toen ik na de vakantie met mijn nieuwe studie begon, had ik al snel het benodigde zelfvertrouwen om vakken te halen. Wel was ik toen erg bang voor de veldwerken en excursies. We hadden meteen in oktober al een reisweek en ik was er vreselijk gespannen voor. Of dan die keer dat we 's ochtends vroeg naar Zeeland gingen voor een excursie. Brr! En als klap op de vuurpijl de echte veldwerken in het voorjaar. Van mij had het niet gehoeven.

Ondertussen wist ik mijn interessegebieden uit te breiden naar bijvoorbeeld het weer en foto's maken. Dat ging dan weer ten koste van sociale activiteiten, zoals MSN'en. Had ik vroeger het idee dat de tijd traag ging, nu vond ik de tijd steeds sneller gaan. Ik merkte dat ik vaak van specifieke onderwerpen veel wilde afweten. Ik kreeg nu een beter idee van hoeveel er allemaal nog te leren was. Te veel om op te noemen.

Met m'n studie lag ik redelijk op schema. Ook had ik het idee redelijk bij de groep te horen en dat was handig. Af en toe kon ik dan vragen wat de bedoeling nou was, zodat ik niet meer vast hoefde te lopen. Het werd me duidelijk wat het belang was om er een beetje bij te horen. Dat gevoel had ik op de middelbare school nooit gehad en behalve dat je je er vaak klote door voelt, moet je ook nog eens alles in je eentje voor elkaar zien te krijgen. Nu kon ik redelijk met de stroom mee.

In het derde jaar gingen we ons specialiseren. De groep viel langzaam uit elkaar. Nog steeds heb ik een beetje spijt dat ik toen heb gekozen om verder te gaan met de economische kant, hoewel mijn cijfers duidelijk in die richting wezen. In het derde jaar hadden we nauwelijks veldwerken en excursies meer, en inderdaad, ik miste ze. De veldwerken en excursies waren eigenlijk gewoon een soort vakanties. Je leerde je klasgenoten er beter door kennen en ik denk dat dat in mijn geval heel heilzaam is geweest. Zo eindigde ik studie Aarde en Economie met eigenlijk veel schoolvrienden of -kennissen, maar daar stond tegenover dat ik minder contact had met m'n "oudere" vrienden en dat vond ik dan weer jammer.

Kon ik vroeger in tien minuten een aardig stukje schrijven, nu kon ik diezelfde hoeveelheid tijd uittrekken om één zin te bedenken. De toon werd bedachtzamer, de spelling werd geoptimaliseerd en de onderwerpen werden complexer of wetenschappelijker. Het schrijven van een artikel duurde daardoor dus steeds langer. Dit, in combinatie met de nieuwe hobby's en interesses, zorgde ervoor dat het leven eigenlijk te snel voor me ging. Nog steeds vliegen de dagen om.

In 2010 ging ik verder met de Master STREEM. Tegelijkertijd ging ik naar Stumass. Ergens vind ik het wel jammer dat Stumass niet zes jaar eerder is opgericht, zodat ik veel eerder begeleid had kunnen worden. Nu kwam het een beetje als mosterd na de maaltijd, ik had immers net mijn studie gehaald. Uiteindelijk heb ik ook m'n Master gehaald, ondanks dat dat in het begin ook nog een bijna onmogelijke opgave leek. Verder heb ik er vooral een aantal aardige receptjes leren kennen en een aantal "lotgenoten".

Inmiddels is het alweer 2012. Ik zie er nog ongeveer hetzelfde uit als in bijvoorbeeld 2006. Ik schaak nog steeds, ik schrijf nog steeds en af en toe heb ik zin om iets te tekenen. Toch ben ik geestelijk wel veranderd. Ik heb m'n kennis verrijkt. Of zijn er nog meer dingen die aan mij zijn veranderd? Wat zegt de lezer? En hoe is de lezer zelf de afgelopen jaren veranderd? Schrijf het me!

08-01-2012

Het D-woord

Oost west, in Klimmen was het niet best

BSG is het nieuwe jaar niet best begonnen. In Klimmen werd het 7½-2½ voor Voerendaal, waardoor BSG maar niet uit het dal kan klimmen. De competitie is alweer over de helft en het D-woord kan nu echt in de mond genomen worden. Niet dat veel BSG'ers er rouwig om zijn, zo'n nullenregen doet wel wat met je.

Bij Voerendaal beginnen de partijen al om twaalf uur, wat betekende dat BSG voor dag en dauw op pad ging. Met het openbaar vervoer duurde het ruim drie uur om in het afgelegen oord te komen. In de trein konden we onze plek ook niet vinden: de eerste en tweede klas(se) waren er wel, maar van de meesterklasse geen spoor. In het zuiden van het PVV-land moesten we nog overstappen naar een trein van het plaatselijke openbaar-vervoerbedrijf, waardoor we Lenaard, die slim wilde zijn door een treinkaartje voor het laatste deel van de reis te kopen, op het perron achter moesten laten. Vervolgens moesten we nog een paar heuvels beklimmen, voordat we in het café aankwamen. En dat allemaal om tegen een of andere Duitser te spelen. De basisopstelling van de thuisploeg telde drie inheemse krachten bij de thuisploeg, aangevuld met zeven wijzen uit het oosten, voornamelijk Duitsers dus. Wat het met de Nederlandse clubcompetitie te maken moet hebben, ontgaat mij alleen een beetje. Ik zou dan ook willen pleiten voor een 5+5-regel in het schaken.

BSG toverde één verrassing uit de hoge hoed: Frans Borm kon niet meespelen, dus viel Die Tatjana voor hem in. Met vrouwen erbij doe je het altijd goed. Leuk was dan ook dat het team van Delft, dat dus ook het halve land had moeten doorkruisen, tegen het tweede team van Voerendaal speelde. Tegen hun 50-procentscore van vier dames kon BSG niet op. 

Wedstrijd
Tijd om over te schakelen naar de wedstrijd. Voerendaal speelde in een vrij ruime zaal, maar er waren toch een paar minpuntjes. Zo waren de tafels veel te klein om je armen op kwijt te kunnen. Verder waren er lange tijd geen prullenbakken (het gebruikelijke euvel bij cafés) en was de zaal behoorlijk donker, want er zaten geen ramen in.

BSG deed het aan de hoogste borden niet onverdienstelijk tegen het sterkste team uit de poule, hoewel dat in de resultaten niet echt tot uitdrukking kwam. Die Duitse grootmeesters versla je niet zomaar! Robert Ris speelde tegen Felix Levin. Zijn tegenstander speelde naar eigen zeggen iets wat in de categorie "eens maar nooit weer" viel en mocht tevreden zijn met zijn halve punt. Onze eigen grootmeester wist zich aan bord drie wel raad met Oscar Lemmers. Of het dameoffer nou de bedoeling was of niet, het werkte wel. Het witte loperpaar en de torens mochten zich uit gaan leven op de zwarte stelling, toen de arme zwartspeler een bok schoot en gelijk kon opgeven.

Aan bord vier trof Leon Andrey Oorlog. Jaren terug dolf hij met wit nogal dom het onderspit tegen de Russische GM, met zwart deed hij het beter. Lange tijd bleef hij goed bij, maar vlak voor de tijdcontrole verloor hij de aansluiting, zoals het vaak gaat in dergelijke duels. In een toreneindspel had hij twee minuspionnen en dat was er één te veel. Ook Large verloor op een ongelukkige manier. Tegenstander Daniël Huisrat had een pion geofferd, die hij op z'n best had kunnen terugwinnen. Helaas schoot Large toen een bok die Timman zelfs met een wijntje op zou zien. Het resultaat was dat hij een kleine kwaliteit moest inboeten en na bijna zes uur zwoegen en spartelen een nul kreeg te slikken.

Op de onderste borden lukte opnieuw weinig. Zo verslikte Ton, de man met het fenomenale geheugen, zich al vroeg in een Benoni. Binnen enkele zetten werden al z'n stukken weer teruggejaagd, waarna tegenstander Patrick Driessens hem in alle rust toetakelde. Die speelde rustig zijn stukken naar goede velden, waarna Ton zichzelf steeds verder verzwakte en na vijf partijen nog op zijn eerste halfje wacht.

Frans
Ondergetekende kreeg, net als Lenaard een aantal borden hoger, een Fransoos te verwerken. Aan de talenkennis van beide heren schort nog het nodige. Lenaard klaagde steen en been over zijn partij. Hij kon het juiste plan niet vinden. In ieder geval was zijn plan om de torens op de b-lijn te verdubbelen niet bepaald een schot in de roos. Stadsgenoot Ali B deed rustig ...b6, waarna de twee torens voor joker stonden. Vervolgens zaaide zijn paardenpaar dood en verderf. Toch wel lastig met zo'n loperpaar: je kan één zo'n paard wel van het bord pakken, maar dan ben je per definitie je goede loper kwijt en dat wil je ook niet, want dan blijf je met zo'n kromme pionnen dekkende loper zitten. Maar wat anders? In ieder geval verheugde Lenaard zich na twee frustrerende witpartijen op een zwartpartij.

Bij ondergetekende liep het nog erger in het honderd. Tegen zwarts 7...Le7 had hij geen afdoende antwoord, waardoor hij al snel op zijn eigen denkkracht was aangewezen en dat ging hem niet goed af. Hij had kennelijk de lange heenreis nog in de benen, of een jetlag, want veel leverden zijn denkpauzes niet op. Bovendien kwam het idee van de witte opzet geen moment uit de verf. Niks aanval, alleen maar verdedigen. Uiteindelijk nam tegenstander Benjamin Tereick maar genoegen met een voordelig eindspel, waarin hij de pionnenformatie op de koningsvleugel kapot kon schieten. In de analyse werden er nog praktische kansen gevonden voor wit, maar in de partij was het al gauw over. Kortom: een zwakke partij en kansloze nederlaag, tegen een overigens sterke opponent.

Kurwa
Gelukkig speelde niet iedereen zo zwak. De resultaten van de overige partijen vielen echter wat tegen. Zo wist Die Tatjana bijna de hele partij stand te houden tegen Mihail Saltaev, maar op het einde werd ze helaas toch omvergeblazen. Een remise zat er wel in voor FM Henk tegen Thomas Trella. Met zwart nog wel. Geen slecht resultaat. Ook Ewood speelde remise. Op papier geen slecht resultaat misschien, maar na afloop begreep Ewood nog steeds niet echt waarom hij niet had gewonnen. Tegen Christof Sielecki speelde hij naar eigen zeggen een opening van Andy Warhol. Ook nu kwam hij goed te staan, maar hij kon zijn tegenstander uiteindelijk niet omverblazen. In het eindspel miste hij een aantal kansen en moest met remise genoegen nemen, wat voor hem duidelijk geen genoegen was, getuige de vele keren dat hij het woord "kurwa" in de woord nam en dat had in ieder geval niets van doen met de speelsters van Delft.

Zo bleef de teller op 2½ punt steken, minder dan waar vooraf op was gehoopt en minder dan waar tijdens de partijen rekening mee was gehouden. Maar zo gaat dat dus in de harde schaakwereld. In het eindspel komt vaak het speelsterkteverschil duidelijk naar voren en ja, Duitsers winnen altijd in de laatste minuut. Dat was dit keer niet anders.


Voerendaal (2432) - BSG (2304) 7½-2½

  1. Felix Levin g (2482) - Robert Ris m (2395) ½-½
  2. Daniel Hausrath m (2506) - Lars Ootes (2345) 1-0
  3. Oscar Lemmers m (2384) - Aleksander Berelowitsch g (2559) 0-1
  4. Andrey Orlov g (2525) - Leon Pliester m (2378) 1-0
  5. Ali Bitalzadeh m (2421) - Lennart Ootes (2185) 1-0
  6. Mihail Saltaev g (2487) -Tatjana Rozenfeld (2128) 1-0
  7. Christof Sielecki f (2395) - Ewoud de Groote (2324) ½-½
  8. Thomas Trella f (2422) - Henk van der Poel f (2283) ½-½
  9. Benjamin Tereick m (2386) - Jesper de Groote (2134) 1-0
  10. Patrick Driessens f (2314) - Ton van der Heijden (2306) 1-0


De nederlagen werden in Heerlen weggedronken. De tijdens de wedstrijd geschoten bokken werden in een plaatselijk restaurant gretig geconsumeerd. Nog vier ronden duurt het seizoen en het aftellen begint. De stemming komt er steeds beter in, met dank aan het D-woord.

03-01-2012

Geen gelukkig nieuwjaar!

Om maar met de deur in huis te vallen: 2011 was geen prettig weblogjaar. Van 2012 verwacht ik nauwelijks meer. Ik zal er niet omheen draaien: een weblog bijhouden is een dure investering. Wekelijks besteed ik heel wat uurtjes om artikelen te bedenken en te schrijven. Dat doe ik omdat ik het leuk vind. Helaas heb ik bijna nooit het gevoel dat iemand de schrijfsels, waar ik veel tijd en energie in heb gestoken, ook leest. Ik heb dan ook niet het idee dat de investeringen me iets opleveren.

Daarnaast ken ik niemand die nu nog een weblog bijhoudt. Webloggen zijn bij uitstek geschikt om persoonlijke belevenissen op een geestige manier weer te geven. Of het nou een gebrek aan tijd was, een gebrek aan inspiratie, of een writer's block, één voor één ging het licht uit bij de "vriendenweblogs". Zelfs Trolshol is nu al bijna een jaar "dood". Misschien is het verdwijnen van privéwebloggen een teken van de verindividualisering van de samenleving. Misschien hoort het wel gewoon bij het opgroeien. In ieder geval mis ik de persoonlijke verhalen wel. Ik vind het nu verdomd stil op internet.

Ik kan ook niet voorbij aan de weblogmigratie die in augustus plaatsvond. Het zou een kleine operatie worden, maar uiteindelijk duurde het drie maanden voordat ik al m'n artikelen weer had. Van een hoop afbeeldingen ontbreekt nog steeds ieder spoor, de afspeelbare schaakpartijen zijn nog steeds weg en de vele "interne" links in artikelen zijn waardeloos geworden. Tel daarbij op dat de web(-)log er niet meer uitziet en dat mijn computer zich er keer op keer op stukbijt, en je snapt wel dat ik erop ben uitgekeken.

Nee, 2012 wordt mijn afscheidstournee als weblogbijhouder. Het is jammer dat het zo moest lopen, maar na meer dan vijf jaar is het wel weer genoeg geweest. Ik hoop de vrijgekomen tijd op een zinnige(re) manier te kunnen besteden, bijvoorbeeld aan wat extra schaakstudie. Ironisch, want de afgelopen jaren ben ik juist het contact met de schaakwereld kwijtgeraakt. In ieder geval is het weer hoog tijd om te stoppen met dit artikel, anders wordt het veel te lang. Gelukkig 2012 nog, ook al is het tegendeel waarschijnlijker.

30-12-2011

Bah van het Jaar

Het einde van het jaar is weer gekomen en dat betekent dat het tijd is voor de Bah-van-het-Jaar-verkiezing! Tot en met juli heb ik op mijn andere weblogje elke maand de Bah van de Maand gepubliceerd. Daarin had ik dan een aantal leuke, merkwaardige of zelfs ronduit bizarre partijen van onze creatieve schaakvriend Vincent Rothuis opgenomen. Elke keer kreeg ik weer een grote lading partijen opgestuurd, waar ik dan zelf de leukste partijen uit koos.

De Bah van de Maand was een voortzetting van de Bah van de Week, waar onze vrolijke poedel Lenaard twee jaar geleden mee begon. Hij stopte er in mei vorig jaar mee en als een soort aardigheidje stelde ik toen voor om een Bah van het Jaar te maken. Vorig jaar was het een succes, hoewel ik er ook wel de hele kerstvakantie aan kwijt was.

Dit jaar ging het anders. In augustus migreerde web-log naar weblog en lag mijn weblog er lang uit. Daarom kon ik geen Bah van de Maanden meer maken. Inmiddels heb ik de hoop opgegeven dat het daar nog wat wordt en heb ik besloten de rubriek hier nieuw leven in te blazen. Met behulp van Chessflash kan ik alsnog partijen publiceren, al moet ik de partijen stuk voor stuk naar HTML om laten zetten.

Het afgelopen jaar is VR steeds aparter gaan spelen. Zijn aanvallende kunstwerken heeft hij ingeruild voor andere bizarre en bijzondere creaties. Voor deze rubriek heb ik hem gevraagd een (niet al te uitgebreide) selectie te maken van zijn mooiste partijen van het afgelopen jaar. Opmerkelijk: hij koos de meeste partijen uit de Bah-van-de-Maandloze periode. Een teken dat hij zijn nieuwe speelstijl waardeert? Of heeft hij een slecht geheugen? Zelf koos ik weer een paar leuke partijen uit de voorselectie en die wilde ik in dit overzicht plaatsen. Welkom bij de Bah van het Jaar 2011!

25-12-2011

Schaakjaar 2011

Het schaakjaar 2011 was een wisselvallig schaakjaar voor me. Uitschieters omlaag werden gecompenseerd door een hele reeks remises tegen sterke spelers. Uiteindelijk bleef er onder de streep nagenoeg niks over: ik begon het jaar met een rating van 2132 en ik eindigde het jaar met een rating van 2134, waar misschien nog een puntje aan kan worden toegevoegd door de partijen in de externe competitie.

Daarmee ben ik sinds 2009 eigenlijk niet meer sterker geworden. In 2010 kwam dat deels omdat ik weinig speelde, in 2011 speelde ik naast de externe competitie nog twee toernooien: het Persoonlijk Kampioenschap van de SGS en het Vienna Open. Het PK deed al mijn goede resultaten in de externe competitie (waarin we naar de meesterklasse promoveerden) teniet, terwijl ik in Wenen goed begon, om later ver weg te zakken. Kortom: wisselvalligheid troef. Tijd voor een overzicht!


Met dank aan Chessflash. Mochten mensen nog klagen over de vele spatiefouten in de analyses: de meeste zijn afkomstig van Chessbase!

Tot slot nog de details van de 24 partijen die ik dit jaar heb gespeeld, gesorteerd op datum. Opmerkelijk vond ik dat ik een kleursaldo heb van -4, wat ook wel komt doordat ik in 2010 vaker met wit had gespeeld in de externe competitie, waardoor ik in 2011 vaker zwart had. In Wenen heb ik waarschijnlijk mijn hoogste "virtuele" rating gehaald, ik schat 2164, ruim hoger dan de 2145 die ik in de periode augustus-oktober 2009 had. Helaas verloor ik in de tweede helft van het toernooi te vaak en won ik weer eens tegen iemand zonder rating, waardoor ik er uiteindelijk maar weinig mee opschoot, zoals eigenlijk het hele jaar al. Toch heb ik goede hoop dat het in 2012 beter zal gaan.

Tabellen en HTML gaan niet samen, daarom heb ik er een afbeelding van gemaakt. Mijn excuses voor het ongemak.