28-07-2013

Der Unterhund

Luis verrast vriend, vijand en vooral zichzelf

Het is een bochtig baantje, de Hungaroring in de buurt van Boedapest. Door de hoge temperaturen op het Mickey Mouse-circuit wordt het materiaal zwaar op de proef gesteld, in het bijzonder de banden. Nee, erg hoog schatte het team van Mercedes zijn kansen op de overwinning niet in, ook al omdat ze de youngdrivertest, waarbij de overige teams de nieuwe Pirelli-banden mochten testen, noodgedwongen aan zich voorbij hadden moeten laten gaan. Desondanks pakte Luis weer eens de poleposition en zette hij die om in een overtuigende zege.

Toch weer Luis
Voor aanvang van het Grand Prix-weekend werden de teams van Red Bull en Renault de grootste kansen toegedicht. De Red Bulls gaan overal als de brandweer en de Renaults zijn in warme omstandigheden vaak niet te kloppen. Luis' pole komt dan ook als donderslag bij heldere hemel. Halverwege de laatste kwalificatiesessie leidt Fattle nog comfortabel, maar op Luis' laatste poging heeft hij geen antwoord. Zijn gezicht staat dan ook op onweer als hij erachter komt dat niet hij, maar Luis zijn vierde pole van het seizoen pakt. Dit had hij totaal niet verwacht. Luis is minstens zo verbaasd, hij is niet bepaald onder de indruk van zijn snelste rondje. Als derde mag de geplaagde Grosjean starten, ondanks een te flexibele wagenbodem. De titelpretendenten Alonso en Räikkönen waren slechts vijfde en zesde, achter Rosberg, terwijl Webber werd getreiterd door het ene na het andere technische defect, waardoor hij slechts als tiende mocht vertrekken, achter Massa, Ricciardo en Perez.

Underdogpositie
Ondanks de voorspoedige zaterdag wilde Luis zich nog niet rijk rekenen. De race zou immers een slijtageslag worden en dus ging het erom wie het best met de banden kon omgaan. Daar hadden de Mercedes' altijd de grootste moeite mee: niet voor niets leverden de zes eerdere polepositions maar twee zeges op. En dan kwamen die twee zeges ook nog eens terecht bij Rosberg, die sinds de Grand Prix van Maleisië overduidelijk de tweede coureur van het team was.

Rosberg valt terug
Bij de start liet Luis er in ieder geval geen gras over groeien. Hij kwam goed weg, in tegenstelling tot Fattle, die Grosjean en Rosberg naast zich ziet opduiken. Rosberg durft het bij het aanremmen voor de eerste bocht niet meteen op de spits durft te drijven en taait af. Daarna wordt hij om de oren gereden door Grosjean, die door Fattle de pas was afgesneden, en Alonso. Vervolgens raakt hij na een touché met Massa van de baan, waarna hij zich in de middenmoot terugvindt. Het zou ook niet meer goedkomen met de Finse Duitser.

Stoorzender
De top 3 rijdt in de openingsfase hard weg bij Alonso. Fattle volgt Luis als een schaduw en Grosjean wacht rustig zijn kansen af. De pitstops blijken ditmaal juist de redding te zijn voor Luis. Hij stop als eerste in de kopgroep en keert terug tot achter ex-teamgenootje Button. Op nieuwe banden is hij de McLaren echter gauw voorbij. Vervolgens stopt Fattle en ook hij komt achter de lange Brit terug op de baan. De grijze bolide blijkt echter een onneembare horde voor de drievoudig wereldkampioen, die door het oponthoud de aansluiting met Luis verliest. Grosjean verliest juist tijd doordat hij langer op versleten banden blijft doorrijden, maar hij heeft Fattle al gauw weer bijgehaald. In de achtergrond rukt Alonso op.

Button-train
Koploper is op dat moment Webber, die op een andere bandenstrategie zat dan de andere coureurs in de kopgroep. Pas na 22 rondjes haalt hij nieuwe banden en gaat hij op jacht naar Fattle, Grosjean en Alonso, die nog steeds gevangen achter Button zitten. Fattle, die bij een geflopte inhaalactie zijn voorvleugel had beschadigd, ziet pas in de 24e ronde kans zijn auto er definitief naast te zetten. De verbouwereerde Button moet ook Grosjean nog laten gaan. De First Lap Nutcase let echter niet goed op en rijdt onbeholpen tegen de Brit aan. Button wordt meteen ook nog gepasseerd door Alonso en gaat direct naar de pits voor nieuwe banden.

Strafbankje
Tot dat moment lijkt Grosjean nog een voorzichtige kanshebber voor de zege, maar zijn race gaat verloren als zijn team hem eerder dan gepland binnenroept voor zijn tweede pitstop. Door de vroege stop blijft hij Button voor, maar zit hij vast achter Massa. Toch weet hij de Braziliaan fraai buitenom te passeren, waarna hij op zevenmijlslaarzen bij de Ferrari wegloopt. Er verzamelen echter spoedig onweerswolken boven zijn hoofd: zijn acties op Button en Massa worden nog eens goed tegen het licht gehouden. Opmerkelijk genoeg krijgt Grosjean geen straf voor de botsing met Button, maar wel voor de inhaalactie op Massa, omdat hij daar met vier wielen van het circuit was gereden. Door de drivethroughpenalty valt hij vooraan weg.

Pitstops
Ondertussen gaat Luis fluitend aan kop, met een buffer van ruim tien seconden op Fattle, met Alonso en Webber daar kort achter. Räikkönen is voorzichtig naar voren gekomen en hij zit het trio van een afstandje op te jagen. Wat niemand weet, maar wel vermoedt, is dat de Fin op een andere pitstopstrategie zit. Kanshebber voor de zege is hij echter niet, want Luis komt bij zijn tweede stop pal voor de Lotus-coureur op de baan. Vervolgens neemt Luis Webber te grazen en duikt Alonso gauw de pits in, waarna zijn rol vooraan is uitgespeeld.

Strategie
Fattle komt bij zijn tweede stop opnieuw achter Button de baan op. Ditmaal is hij zijn kwelgeest gauw voorbij, maar desondanks is zijn achterstand op Luis weer verder opgelopen. Zelfs het verdedigen van de tweede plaats gaat een moeilijk verhaal worden. Räikkönen maakt inderdaad maar twee pitstops en doet daar zijn voordeel mee. Webber krijgt daarentegen bij zijn tweede pitstop de verkeerde banden gemonteerd en moet vanwege de twocompoundrule nog een derde keer naar de pits komen.

Slotoffensief
Luis' derde pitstop brengt de leiding weer in handen van de Red Bulls. Webber kan zijn tweede plek echter maar een paar bochten vasthouden, want hij wordt opnieuw door Luis in de derde bocht om de oren gereden. Fattle komt even later binnen voor zijn vierde setje banden, waardoor hij terugvalt tot achter Luis en Räikkönen. Met nog twaalf rondjes te gaan stopt Webber en hij stapt eindelijk over naar de zachte banden, waarmee hij in de slotfase nog even een paar kwalificatierondjes kon rijden. Het belooft een spannende slotfase te worden, maar de hoge verwachtingen worden niet ingelost: Webber komt niet meer in de buurt van Räikkönen en Fattle, die verbeten om de tweede plek strijden. Fattle doet in de slotfase een halfslachtige inhaalpoging en rijdt zichzelf bijna van de baan, waarna hij over de boordradio zijn beklag doet over zijn toekomstige teamgenoot.

Luis' eerste
Luis krijgt er niks van mee en wint zonder al te veel moeite zijn eerste race voor Mercedes. Daarmee verraste hij vriend en vijand. Hijzelf kon het ook niet echt geloven. Maar toch: hoelang kan Mercedes zich nog in de rol van de underdog manoeuvreren? In deze vorm zijn Luis en Mercedes de voornaamste uitdagers van Fattle. Räikkönen bleef de Red Bulls nog wel voor, in tegenstelling tot Alonso, die Grosjean maar net voor wist te blijven. Button en Perez sandwichten Massa en pakten eindelijk weer eens punten voor McLaren, terwijl Pastoor het eerste punt voor Williams pakte.

Bemoedigend
Voor Giedo van der Garde was de incidentrijke, doch saaie Hongaarse Grand Prix werkelijk waar een prachtrace: naast de Maroussia's versloeg hij ook teamgenootje Pic met gemak en werd veertiende. Een fraai resultaat, zeker nu Co Valainen zijn gezicht steeds vaker in de paddock laat zien. In ieder geval een goed moment om aan de vakantie te beginnen.

Naschrift: Grosjean kreeg voor zijn inhaalactie op Button nog een tijdstraf van twintig seconden aan de broek. Doordat hij een voorsprong van, jawel, 21 seconden had op de Brit, verloor hij er geen plaatsje mee.

23-07-2013

27

Vandaag sta ik weer stil bij de enorme hoeveelheid tijd die me door de vingers is geglipt, inmiddels staat de teller al op 9862 dagen. In de afgelopen 365 dagen is een heleboel gebeurd, maar eigenlijk ook weer niet. Ben ik het afgelopen jaar ergens mee opgeschoten? Leef ik nog wel? Ben ik niet gewoon depressief? Het zijn vragen die ik mezelf soms stel. Het zijn niet de vragen die je jezelf wilt stellen op het moment dat je in de kracht van je leven bent. Nu heb ik nog de energie om doelen te bereiken, als ik straks in een bejaardentehuis zit te kwijlen niet meer. Helaas heb ik het idee dat mijn pogingen om iets van het leven te maken op niets uitlopen. Keer op keer loop ik met m'n snuit tegen een muur op.
 
Er zijn alweer bijna zeven maanden verstreken in 2013. In hoeverre lig ik op schema om mijn doelstellingen te behalen? Ik ben in ieder geval op vakantie geweest, dat is al heel wat. Met schaken ging het de afgelopen tijd prima, maar doordat ik deze zomer geen toernooien meer ga spelen, is het uiterst twijfelachtig of ik dit jaar nog een rating van 2200 ga halen. Verder heb ik nog een mooi schilderij gemaakt, maar het boek over het Nederlandse klimaat wil niet echt lukken. En die vriendin dan? Dat is een kansloos verhaal.
 
Of misschien niet? In ieder geval heb ik sinds een aantal dagen een huisgenootje, een huisgenootje dat bovendien niet zonder mij kan. Zeg maar dag tegen je nachtrust! We noemen deze doerak trouwens Boender/Bounder/Bunder.
 
/ˈbundəɹ/
 
Met een beetje geluk haal ik m'n andere doelen dit jaar ook nog. Of slokt zo'n jonge kat toch te veel energie op? De toekomst zal het uitwijzen. Hopelijk kan ik in mijn 28e levensjaar een stap zetten om mijn levensvreugde te hervinden!

02-07-2013

6 op een rij

Vandaag is de 183e dag van het jaar, dus 2013 is alweer voor de helft voorbij. De afgelopen maanden stonden in het teken van kou, want ze verliepen allemaal kouder dan gemiddeld. Dat is natuurlijk al aardig uniek, maar wat het helemaal bijzonder maakt, is dat de koude reeks in dit jaar is gestart: december was bijvoorbeeld nog beduidend zachter dan gemiddeld.
 
In Nederland kwakkelt het weer in ieder geval al een jaar of zes. Tot die tijd kostte het geen moeite om de man op de straat van de ernst van de klimaatsverandering te overtuigen. Mensen waren bang dat ze nooit meer natuurijs zouden zien en vreesden het ergste voor de toekomst. De klimaatexperts stelden verrast vast dat de waargenomen opwarming hun alarmerende verwachtingen overtrof. Vanaf die tijd is het echter bergafwaarts gegaan met het weer in onze omgeving en dus roeren de klimaatsceptici zich. Terwijl in Nederland sinds die tijd bijvoorbeeld geen hittegolf meer is voorgekomen, regent het aan de andere kant van de Atlantische Oceaan wel temperatuurrecords. Misschien zijn nu de Amerikaanse klimaatsceptici aan de beurt om overtuigd te worden.
 
In Nederland werden andere records verbroken. Zo regende het op 9 maart onafgebroken - dat was nog niet eerder waargenomen. Met de temperatuurrecords wilde het hier niet zo lukken. Toch voorzag men halverwege juni een aanval op het Nederlandse warmterecord. Dat bleek wat te optimistisch ingeschat: op de grote dag zelf werden de torenhoge verwachtingen in de verste verte niet ingelost en dus hadden de meteorologen heel wat uit te leggen. Het was zeker niet de eerste keer dit jaar dat de weervoorspellers de bal zo overtuigend missloegen: met grote stelligheid werden onzekere langetermijnprognoses als weersvoorspelling opgediend. Vaak leidde dat dan weer tot teleurstellingen: het beloofde mooie weer kwam steeds maar niet.
 
Al met al verliepen de eerste zes maanden van 2013 twee graden kouder dan de langjarige norm (1988-2007, de twintig jaar na de temperatuursprong in 1987, bedoeld als referentiemateriaal voor het toekomstige klimaat). Hoofdschuldige van deze kou was de maand maart, die ruim vier graden kouder dan normaal verliep. De maand borduurde voort op het (meestal) barre winterweer van januari en februari en het zou nog tot halverwege april duren voordat we daar vanaf waren. Dat lenteweer was geen lang leven beschoren en in mei leek het alweer herfst te zijn geworden.
 
Een verklaring voor het barre weer kan gezocht worden in veranderende weerpatronen: zo zouden de luchtdrukverdelingen op het noordelijk halfrond door afsmeltend poolijs veranderen. Bovendien zou de straalstroom verzwakken en meer gaan meanderen doordat de temperatuurstegenstellingen tussen de Noordpool en evenaar afnemen. Anderen houden het op puur toeval. Feit is dat de wind doorgaans niet uit de gebruikelijke zuidwestelijke richting kwam: in februari en maart zocht de wind de noordoosthoek op en in mei en juni vooral de noordwesthoek. De maanden januari en april lieten een gemengd beeld zien, met zachte episodes als de wind uit het zuid(west)en kwam en koude episodes als de wind uit het noordoosten kwam.
 
Tegenvallend was dat het koudere weer niet gepaard ging met extra zon of minder neerslag. Er viel iets minder neerslag dan gebruikelijk, maar de verschillen met normaal waren voor alle maanden gering. Het aantal zonne-uren was ook minder dan gebruikelijk. Dit kwam vooral doordat mei, gemiddeld de zonnigste maand, het liet afweten. De overige maanden weken wederom weinig af van het langjarig gemiddelde.
 
Een overzicht van het voorgaande:
 
Temperaturen 2013 en afwijking t.o.v. langjarig gemiddelde:
 
Januari: 2.0 (-1.8)
Februari: 1.7 (-2.5)
Maart: 2.5 (-4.2)
April: 8.1 (-1.2)
Mei: 11.5 (-2.0)
Juni: 15.3 (-0.5)
 
Weergrafieken:
 

Temperatuursverloop van het jaar tot nu toe. De gladde lijn is het langjarig gemiddelde, gebaseerd op een sinusoïde. Tot halverwege april waren er lange periodes van koud weer, onderbroken door enkele warme periodes. Daarna was het weer wat gevarieerder, waarin mooi- en slechtweerperiodes elkaar afwisselden.
 

Hoewel januari zacht begon, brachten de vele koude dagen die volgden het cumulatieve warmteoverschot steeds verder onder nul, tot bijna 370 graden in 181 dagen, ofwel twee graden per dag.
 
 
Een paar zonnige en een paar sombere periodes: de hoeveelheid zonne-uren week niet heel veel af van het gemiddelde. Alleen mei was somber.
 

Heel wat dagen met neerslag, maar doorgaans niet in schrikbarende hoeveelheden. Alleen de totaal verregende 9e maart springt ertussenuit.

De tweede helft van het jaar is net begonnen. Zullen we nu een ander weerbeeld krijgen? Of blijven alle maanden in 2013 kouder dan hun langjarige gemiddeldes? In ieder geval wordt er voor de middellange termijn mooi weer verwacht. Trendbreuk? Of worden we weer blij gemaakt met een dooie mus?

01-07-2013

Pirelli verknalt het

Twee jaar geleden waren ze nog de redder van de sport, maar anno 2013 kan Pirelli weinig goeds meer doen. Klaagden eerst de teams van Red Bull en Mercedes over de veel te zachte banden, op Silverstone was het de beurt aan Lotus en Ferrari. Die teams kwamen op het militaire vliegveld niet uit de verf en dat kwam volgens hen doordat de bandenleverancier nu weer te harde banden had meegenomen. En dan was er nog de geheime bandentest van Mercedes die veel kwaad bloed zette. Dat Luis de pole overtuigend pakte en Rosberg de door ontplofte banden ontsierde race won, zal de positie van Pirelli in de formule 1 er niet beter op gemaakt hebben. Alles wat fout kon gaan, ging ook fout.

Luis de ster op zaterdag
Dat de Mercedes' op zaterdag snel zijn, dat was al langer bekend. Nadat Luis zijn grijze wagen in China op poleposition zette, deed Rosberg dat in de drie daaropvolgende Grand Prix. In Canada was Fattle dan wel de snelste, maar op Silverstone zette Luis de verhoudingen weer recht. Voor eigen publiek was hij niet te houden. Rosberg was nog tweede, voor Fattle en Webber. Fattles concurrenten in de titelstrijd stonden ver weg: Räikkönen was negende, Alonso slechts tiende, nog achter DRS'ta, Ricciardo, Subtiel en Grosjean. Erg lang kon DRS'ta niet van zijn kwalificatie genieten: zijn auto bleek een paar kilogrammetjes te licht en hij vloog uit de uitslag, waardoor hij op zondag Giedo van der Garde kon vergezellen op de laatste startrij.
 
De race beloofde in ieder geval een waar schouwspel te worden, want konden de Mercedes' nu wel schitteren in de race? De stratencircuits van Monaco en Canada waren niet meteen de zwaarste circuits voor de banden. Op Silverstone, met al die snelle bochten, moest het wel met de billen bloot.

Leien dakje
In de openingsfase van de race zijn er nog weinig problemen voor Mercedes: Luis loopt wat weg bij Fattle, die Rosberg voorbij is gegaan. Achter hen liggen Subtiel en de als een raket gestarte Massa. Alonso en Räikkönen ploeteren nog steeds in de subtop, maar het bontst maakt Webber het, die zijn start verprutst en in de eerste bocht ook nog een deel van zijn voorvleugel verliest. Zijn race leek daarmee al bij voorbaat verknold. Toch is zijn pech nog niks vergeleken wat anderen te wachten zou staan...

Zijden draadje
Vooraan controleert Luis de race, totdat zijn linker achterband op hoge snelheid ontploft. Wonder boven wonder haalt hij de pits zonder verdere schade, waarna hij op grote achterstand weer zijn weg kan vervolgen. Het was niet de eerste keer dat de Pirelli-banden explodeerden - in eerdere raceweekends en in de tests was het ook aan de orde. Echt een succes zijn de nieuwe Pirelli-banden in ieder geval niet. Dat bewijst Massa wel, die een ronde later eveneens een klapband krijgt en op hoge snelheid spint.

Drie keer is scheepsrecht
Uit voorzorg gaat iedereen in de kopgroep maar snel naar de pits voor nieuwe banden, waardoor het veld weer een beetje gemengd wordt. Vergne is een van de coureurs die oprukt door de pitstops. Hij wil lang op zijn oude banden doorrijden en moet dat eveneens bekopen met een klapband. Op het moment dat hij de Loti van Grosjean en Räikkönen in zijn nek heeft hijgen, vliegt het loopvlak van zijn band. Onmiddellijk rukt de safetycar uit. De baan wordt marble- en brokstukvrij gemaakt, waarna Fattle de zweep erop legt en bij zijn achtervolgers probeert weg te rijden.

Close racing
In de middenmoot zijn de gevechten niet van de lucht. Luis rijdt alweer in de middenmoot en geduldig probeert hij zich omhoog te werken. Hij krijgt echter gezelschap van Räikkönen, Alonso en Webber, die hem na hun tweede pitstop op nieuwe banden de baas zijn. Luis stelt zijn tweede pitstop echter heel lang uit - de bandenproblemen van Mercedes lijken daarmee definitief verleden tijd te zijn.

Druk op de ketel
Vooraan zijn Rosberg en Fattle ook naar de pits geweest. Fattle heeft het wat moeilijk op zijn derde bandensetje: de bandendruk is verhoogd om het risico op klapbanden te verminderen. Toch lijkt hij soeverein naar de overwinning te koersen, als hij opeens stilvalt door een versnellingsbakprobleem. Rosberg grijpt het buitenkansje met beide handen aan en neemt de leiding.

"Was dit nou wel zo slim?"
Fattles uitvalbeurt betekent wel dat de safetycar voor de tweede keer uitrukt. De meeste coureurs besluiten nog een nieuw setje banden te halen. Räikkönen, Subtiel en Ricciardo doen dat niet en betalen daar in de slotfase de prijs voor: ze zijn geen partij voor Webber, Alonso en Luis. Webber is ontketend en komt zelfs in de buurt van Rosberg. Die houdt het hoofd koel en eist de overwinning op. Alonso mag het podium beklimmen na een vrij onzichtbare race, terwijl Luis nog knap vierde werd. Räikkönen houdt Massa uiteindelijk nog net achter zich. Subtiel en Ricciardo finishen uiteindelijk nog als zevende en achtste, voor DRS'ta en Hülkenberg. McLaren, dat in de slotfase Perez nog zag uitvallen door een klapband, kwam voor de tweede race op rij niet in de punten en behoorde met Pirelli en Fattle tot de verliezers van het weekend.

Door de merkwaardige race is de spanning in het kampioenschap er in ieder geval groter door geworden, helemaal nu Mercedes zich in de strijd om de hoogste plaatsen lijkt te bemoeien. Voor het eerst dit seizoen was de auto ook in de race erg snel. Dat kan niet gezegd worden van Alonso en Räikkönen, die het hele weekend weinig indruk maakten. Ze voelen de hete adem van het Mercedes-duo in de nek. Net als Pirelli hebben de teams van Ferrari en Lotus een hoop huiswerk te doen voor de Grand Prix van Duitsland over een week.

26-06-2013

Een sprong in het diepe

Het is alweer een tijdje geleden dat ik voor het laatst van me heb laten horen. Voor een constante stroom van artikelen is inspiratie nodig en helaas ontbreekt het daar bij mij een beetje aan. Mijn weblogje leeft niet echt meer en dus ontbreekt de prikkel om met iets nieuws te komen.

Misschien heb ik de leegte onderschat die ontstond na de laatste competitiewedstrijd. Hoewel ik dacht dat ik meer tijd zou overhouden voor nuttige activiteiten (schaken, werk), of om een paar mooie artikelen te schrijven, viel het in de praktijk tegen: het fanatiek voorbereiden op zo'n schaakpartij gaf structuur en zin aan mijn leven. Hetzelfde kan gezegd worden van mijn poging om mijn oude weblog er mooi uit te laten zien. Daar ging veel tijd in zitten en het gaf me een voldaan gevoel toen ik klaar was. Ook die euforie sloeg om in verveling. Vooral de gedachte dat ik waarschijnlijk gewoon een heleboel uren van m'n leven heb weggegooid, zit me niet lekker.
 
Misschien is het tijd om te veranderen. Themaweblogs zijn de toekomst. Of het nou over je huisdier, je hobby of je pervasieve ontwikkelingsstoornis gaat, alles is mogelijk. Ik was eerst sceptisch, maar nu ik alle ellende ervaar van een krimpende wereld, een niet-sluitende vriendenkring en teruglopende bezoekersaantallen, ben ik wat ontvankelijker voor het idee geworden. Het leek me dan ook leuk om een weblog over de formule 1 te maken. Van het een kwam het ander en... Nou kijk zelf maar: Formule 1-overzicht.
 
De site is nog in aanbouw. Als iemand tips heeft over de inhoud (bijvoorbeeld wat voor verhalen er nog aan kunnen worden toegevoegd), dan hoor ik dat graag. Afbeeldingen zijn eveneens zeer welkom. Ik hoop in ieder geval dat ik een hoop bezoekers kan trekken met een site die 1) een uitgebreid (historisch) overzicht biedt van de sport en 2) een originele kijk heeft op de gebeurtenissen. Mocht de site echt een succes worden, dan hoop ik dat ik er nog wat centjes aan kan verdienen, maar dat is later van zorg.

Wat het voor Apenhoofd punt Blogspot betekent, weet ik niet. De kans bestaat dat-ie dusdanig in de vergetelheid raakt dat slechts enkele roekeloze internetsurfers 'm dan nog tegen 't lijf lopen. Zo gaat dat met die dingen. Hopelijk kan ik op mijn nieuwe site m'n ei kwijt en hervind ik mijn schrijfplezier weer!

10-06-2013

Fattle oppermachtig, Van der Garde diep triest

Fattle vermorzelt concurrentie in Canada

Na afloop van de Grand Prix van Monaco ging het eigenlijk alleen nog maar over de geheime bandentest van Mercedes. Mocht dat en welk voordeel hadden de grijze bolides erdoor behaald? Was de zege van Rosberg aan die test te danken? Of lag het toch vooral aan de weinige inhaalmogelijkheden op het stratencircuit? Op het stratencircuit Gilles Villeneuve ging het er heel anders aan toe. De bandenslijtage speelde maar een beperkte rol en de Mercedes' konden aardig mee, maar waren geen partij voor Fattle, die zowel in de natte als droge omstandigheden de snelste man op de baan was.
 
Niet helemaal verregend
Het weer in Canada was wisselvallig tijdens het raceweekend. Op zaterdag was de baan dan ook echt nat en dat zorgde voor dilemma's bij de teams, want voor zondag werd geen neerslag verwacht. Moesten de wagens dus voor de kwalificatie of juist voor de race worden afgesteld?
 
In de natte omstandigheden voelen de Loti zich niet bepaald als vissen in het water. Grosjean haalt Q2 niet eens en moet vanwege zijn gestuntel in Monaco als laatste starten, waardoor hij Van der Garde gezelschap hield op de laatste startrij. Samen met de usual suspects en DRS'ta, die zich opnieuw zwak kwalificeerde, konden zij na de eerste sessie al gaan douchen.
In de tweede sessie viel Massa in negatieve zin op door zijn wagen in de muur te smijten - dat was al de derde keer in twee weken tijd. Hij kon beteuterd uitstappen, net als Dzjensen Dutton, die zat te slapen en werd afgevlagd toen hij aan zijn laatste snelle ronde wilde beginnen.
In de slotsessie is Fattle de snelste, maar krijgt hij behoorlijke concurrentie van Luis. Diens aanval op de poletijd strandt in het zicht van de haven: in de laatste chicane glijdt de Mercedes rechtdoor. Kans verkeken, maar met een tweede tijd kon Luis ook best tevreden zijn. Het was voor Mercedes wel weer wennen om een keer niet de snelste te zijn. Verrassing van de middag was echter Bottas, de nieuwe coureur van het team van Williams. Hij was in alle sessies loeisnel en legde beslag op de derde plaats, voor Rosberg, Webber en Alonso. Vergne deed het met een zevende tijd ook lang niet slecht. Hij bleef Subtiel, Räikkönen en teamgenoot Ricciardo voor.
 
Droge race
De race wordt onder droge omstandigheden verreden en dat kon slecht nieuws betekenen voor Mercedes: zouden hun banden niet weer binnen de kortste keren over het ruwe circuit worden uitgesmeerd? Zouden Alonso en Räikkönen onweerstaanbaar oprukken? En kon Bottas nog voor een verrassing zorgen?
 
Fattle (1) neemt bij de start in ieder geval resoluut het voortouw, om hard bij de achtervolgers weg te rijden. Hoewel hij absoluut niet foutloos rijdt - hij kust een keer de muur en vliegt in de eerste bocht een keer rechtdoor - is hij in de race heer en meester. Slechts bij de pitstops hoeft hij zijn leidende positie even af te staan. Luis (2) rijdt lange tijd op de tweede plaats, op grote afstand van Fattle, maar ook op een ogenschijnlijk veilige afstand van de makkers achter hem. In de slotfase is Alonso echter sneller. Nadat hij met Bottas (eerste ronde), Rosberg en Webber heeft gepasseerd, nadert hij de Mercedes met rasse schreden. Het gevecht om de tweede plaats is hard maar fair. Acht ronden voor het einde neemt Alonso de tweede plek over. Hoewel hij nog een tegenaanval moet afslaan, behoudt hij de plek tot aan de finish.
Voor Bottas (3) draaide de race uit op een flinke teleurstelling: al gauw kwam hij erachter dat het verdedigen van een hoge positie in een matige wagen een ondankbare taak is: bij de start floepten Rosberg en Webber er al langs en later ook nog Vergne. Na de pitstops viel hij buiten de punten en finishte hij op een troosteloze veertiende plaats. Het wil Williams dit jaar maar niet lukken om punten te scoren.
Rosberg (4) werd na zijn zege in Monaco weer met beide benen op de grond gedrukt: zijn team voorzag hem bij de eerste pitstop van de verkeerde banden, waardoor zijn strategie in het water viel. Zijn geluk was dat het gat naar de rest zo groot was dat hij uiteindelijk, na nog een derde bandenwissel, op ruim een minuut van de winnaar nog als vijfde werd geklasseerd.
Webber (5) reed een goede, maar ook wat ongelukkige race: na bij de start Bottas te hebben verschalkt, zat hij een tijd klem achter Rosberg. Toen hij de Finse Duitser eindelijk voorbij was, werd hij slachtoffer van een curieus incident: achterblijver Giedo van der Garde kneep hem af, waardoor hij een deel van zijn voorvleugel verloor. Niet lang na het incident ging Alonso hem voorbij, waardoor hij genoegen moest nemen met een vierde plaats.
Alonso (6) reed een sterke race. Geleidelijk klom hij omhoog en bekroonde hij zijn inhaalrace met de inhaalactie op Luis, waardoor hij zich toch een beetje de winnaar voelde. Voor de overwinning kwam hij echter nooit in aanmerking en dus zag hij Fattle weer zeven punten uitlopen, maar nam hij in het kampioenschap wel de tweede plek over van Räikkönen.
Vergne (7) reed een onzichtbare, maar wel erg goede race en bewees dat zijn goede kwalificatiepositie geen toeval was. Op iets meer dan een ronde achterstand kwam hij als zesde over de streep en deed zichzelf daarmee een groot plezier: door de acht WK-punten ging hij teammaat Ricciardo voorbij in het kampioenschap. Dat kan heel bepalend zijn voor het tweede Red Bull-zitje in 2014.
Subtiel (8) kende een veelbewogen middagje: hij spinde in een poging Bottas in te halen, waarna hij weer eens van achteren werd aangereden, ditmaal door Pastoor (in China presteerde Gutiérrez ongeveer hetzelfde), waarna hij zich knap terugvocht naar een achtste plaats. In de slotfase kreeg hij nog een drivethroughpenalty omdat hij niet op tijd aan de kant was gegaan voor zijn eens zo goede vriend Luis. Desondanks finishte hij nog in de punten. Als tiende.
Hülkenberg (9) profiteerde van de straffen die Räikkönen en Ricciardo kregen in de kwalificatie. Hij reed een kleurloze race, die ten einde kwam toen hij een lekke band opliep na een botsing met Van der Garde.
Räikkönen (10) kende niet bepaald zijn beste race(weekend). Geplaagd door slechte remmen, een brandstoftekort en een slechte pitstop boekte hij amper progressie in de race. Tot zijn afgrijzen zag hij Fattle halverwege de race in zijn spiegels opdoemen. Door een 1-stopstrategie wist hij nog net in de punten te eindigen - voor de 24e keer op rij, een evenaring van Shoeface' record - maar dat zal hem niet veel voldoening hebben gegeven: het kampioenschap is verder weg dan ooit.
Ricciardo (11) bakte er niet veel van in de race. Mogelijk was zijn uitwijkactie op Subtiel daar debet aan, want na zijn uitstapje kwam hij er niet meer aan te pas, waardoor hij nog achter Bottas als vijftiende finishte.
Chicko (12) reed een opvallend onopvallende race en finishte net buiten de punten. Doordat teamgenoot Dutton ook niet scoorde, bleef l'équipe de Martin Whitmarsh voor het eerst in jaren puntloos. De wagen was traag en het team ontbeerde de durf en het tactisch vernuft om er nog iets van te maken.
Pastoor (13) was weer lekker op dreef. Voor de lompe aanvaring met Subtiel ontving hij een drivethroughpenalty en bleef hij de hele race in de achterhoede sukkelen.
Dutton (14) probeerde de race te finishen met maar een bandenwissel en werd links en rechts door het halve veld voorbijgereden. Uiteindelijk finishte hij nog in de buurt van zijn teamgenoot, maar goed was het allerminst.
Gutiérrez (15) was de laatste uitvaller van de race. De oorzaak was behoorlijk gênant: na een late pitstop (splash 'n' dash zou men dat vroeger noemen, maar tegenwoordig wordt er niet meer bijgetankt) zette hij zijn wagen bij het uitrijden van de pits in de muur. Lekker slim natuurlijk, maar niet uniek: jaren terug presteerde Trulli precies hetzelfde. Het ongeval betekende dat geen van beide Saubers aan de finish kwam.
Massa (16) liet een beduidend betere indruk achter in de race, al eindigde hij wel op meer dan een ronde van zijn teamgenoot. Wel reed hij lekker aanvallend en snoepte hij Räikkönen bij het sluiten van de markt nog twee WK-punten af, waardoor hij goed werk verrichtte voor Ferrari.
DRS'ta (17) reed echter helemaal een wereldrace: hij begon de race op de hardere banden en probeerde daarmee zo lang mogelijk door te rijden. Die strategie had meer succes dan hij ooit had kunnen dromen: pas op vier vijfde van de totale raceafstand liet hij zijn banden vervangen. In de tussentijd was hij opgerukt tot de zevende plaats, waar hij ook zou finishen.
Pic (18) was in de kwalificatie overduidelijk de snelste Caterham. In de race was hij zijn teammaat ook de baas, maar kon hij niet voorkomen dat Bianchi voor hem eindigde.
Bianchi (19) kwam weer eens als eerste van de achterhoedebakken aan de finish. De Maroussia's kozen ervoor om op de hardere band te beginnen, waardoor ze aanvankelijk ver terugvielen, om daarna het verloren terrein op de Caterhams terug te winnen. Uiteindelijk finishte Bianchi ver voor Pic en zijn teammaat.
Chilton (20) redde het niet met zijn 1-stopstrategie tegen Pics 2-stopstrategie en finishte als laatste.
Van der Garde (21) kende een weekend om héél snel te vergeten: slecht in de kwalificatie, verschrikkelijk in de race. Na een goede start begon hij al snel terug te vallen door bandenproblemen. Het noopte hem tot een vroege pitstop, waarna hij de pits nog vaak genoeg kreeg te zien: dan wel om weer een nieuw setje banden over de baan uit te smeren, dan weer voor een tijdstraf. Na de klungelige aanrijding met Webber vond hij zijn Waterloo bij de tweede aanrijding, die met Hülkenberg. Een glansloze laatste plaats op vijf ronden achterstand bleef hem daarmee bespaard. Wel krijgt hij vijf startplaatsen straf voor de volgende race.
Grosjean (22) probeerde nog wat van zijn race te maken door op de harde banden te starten. Op de superzachte banden ging het vervolgens mis en moest hij nog een tweede stop maken, waardoor hij als dertiende eindigde.
 
Zo eindigde de Grand Prix van Canada met een dominante zege van Fattle, die het hele weekend oppermachtig was en met grote passen naar zijn vierde wereldtitel op rij raast. Alonso hield de schade beperkt, terwijl Räikkönen alleen de evenaring van het puntenfinishrecord heeft om trots op te zijn.

30-05-2013

De Nederlandse spelling – een voorstel tot wijziging II

Talen veranderen door de tijd. In sommige talen, zoals het Engels, is dit niet terug te zien in de spelling. Het Nederlands valt in een geheel andere categorie: de Nederlandse spelling wordt om de zoveel tijd aangepast. Vaak zijn dit vrij pietluttige dingen, zoals de beruchte tussen-n die in 1995 ineens verplicht werd, of samenstellingen die met een trema geschreven moesten worden in plaats van met een koppelteken, of juist andersom.
 
Aan de basis van de Nederlandse spelling wordt echter niet getornd. In mijn vorige artikel had ik al een beginnetje gemaakt met een uiteenzetting om de spelling toch te veranderen. Dat deel had betrekking op de klinkers – het Nederlandse spellingssysteem kan op dat punt eenvoudiger. Ditmaal komen de medeklinkers aan bod.
 
Deel 2: medeklinkers
Medeklinkers zijn er in soorten en maten. Aan de ene kant van het spectrum zijn er de “halfklinkers” als de j en de Engelse w en aan de andere kant zijn er de harde plofklanken als de p en de k. Sommige klanken, zoals de Nederlandse g-klank, komen in de ons omringende landen weinig voor. In Nederland komen daarentegen weinig sj-klanken voor. Doordat het Latijnse alfabet eigenlijk niet genoeg letters bevat om al deze klanken mee aan te duiden, komt het soms voor dat een klinker of klinkercombinatie in de ene taal een geheel andere uitspraak heeft dan in een andere taal. Zo kijkt niemand meer gek op van woorden als champagne en journaal, hoewel de spelling van die woorden vanuit Nederlands perspectief sterk afwijkt van de uitspraak. Ik ben er geen voorstander van om ontleningen uit West-Europese talen “fonetisch” op te schrijven. Vaak leidt een fonetische spelling tot onmogelijke (en onooglijke) lettercombinaties en tot inktverspilling en wekt het meer verwarring dan duidelijkheid op.
 
‘t Kofschip
Het Nederlands is wat spelling betreft een makkelijke taal: de spelling is behoorlijk fonetisch en het spellingsysteem is erg systematisch. Het enige lastige is dat de spelling om de zoveel jaar wordt aangepast. De nieuwe regels zijn vaak weldoordacht, maar de logica is soms zo moeilijk te volgen, dat de meeste Nederlanders er niks van begrijpen. Wat in het Nederlands echter vaak verkeerd gaat, is het toepassen van de kofschipregel. Achter een werkwoord komt altijd een t ("stam + t"), achter een (zwak) voltooid deelwoord doorgaans een d, tenzij de stam ervan op een kofschipmedeklinker eindigt. Doordat een d aan het eind van een woord als t wordt uitgesproken, leidt dit bij sommige Nederlanders tot (hardnekkige) spellingsfouten. Een complicatie is bovendien dat de v en de z nooit aan het eind van het woord komen te staan, wat voor foute generalisaties kan leiden:
 
Straffen – gestraft
Leven – geleefd
 
Vissen – gevist
Verhuizen – verhuisd
 
Doordat sommige f’jes eigenlijk “vermomde” v’tjes zijn, moet de slotmedeklinker volgens de taalregels daarop aangepast worden. Dat gaat weleens mis en heel gek is dat niet: bij de uitspraak van voltooid deelwoorden is het verschil tussen de d en de t niet te horen. Het spellingsverschil is echter wel relevant bij de verledentijdsvormen, want kennelijk is ooit afgesproken dat de uitgang –de standaard is en de uitgang –te alleen voorkomt na een kofschipmedeklinker.
 
Je zou verwachten dat de Nederlandse spelling er alles aan gelegen is om het onderscheid tussen de kofschipmedeklinkers en de niet-kofschipmedeklinkers duidelijk te maken. Vreemd genoeg gebeurt dat bij de f/v en s/z niet. Dat heeft ermee te maken dat de f en de s tussen klinkers de neiging te hebben “stemhebbend” te worden (als een v of z uitgesproken te worden) en de spelling is daarop ooit aangepast. Op het eind van een woord worden ze wel weer als f of s geschreven, hoewel ze bij voltooid deelwoorden en in de verledentijdsvorm toch weer anders worden behandeld dan de andere kofschipletters.
 
De vraag is dus waarom de v en de z in de stam niet altijd blijven staan en niet veranderen in een f of s. In dat geval levert de spelling van woorden als verven of verbazen ook geen moeite meer op:
 
Verven: verv – gevervd/gevervde
Verbazen: verbaaz – verbaazd/verbaazde
 
In de tegenwoordige tijd komt er altijd +t achter de stam, dus dan krijg je uitgangen als hij vervt, zij verbaazt zich. Er is maar een uitzondering op de regel: als een werkwoord op een t eindigt, komt er niet nog een t achter. Vreemd genoeg gaat deze regel niet op als een werkwoord op een d eindigt, wat fonetisch gezien geen verschil maakt. Dit leidt tot die lelijke en overbodige dt-combinatie. Het zou logischer zijn om alleen een d te schrijven.
 
Beginletter
Het verschil tussen de s en de z en vooral tussen de f en de v is doorgaans niet of nauwelijks te horen in het Nederlands. In de spelling wordt er wel vrij consequent onderscheid tussen gemaakt:
 
f en s – aan het eind van een woord of na korte klinker (ff of ss)
v en z – aan het begin van een woord of tussen twee klinkers
 
Desondanks beginnen er veel woorden met een f of s. Voorafgaand aan een klinker komen de v en de z vrij vaak voor (vis en zon, maar: feit en siroop). Voor een medeklinker is dat niet gebruikelijk: de z komt dan eigenlijk nooit voor (alleen voor de w), de v in sommige gevallen (vlees, vrees, maar: fluit, fruit). Voor medeklinkers als ch, f en t kan om technische redenen alleen een s komen. Kennelijk is het makkelijker om een v of z uit te spreken voor een klinker dan voor een medeklinker – woorden als vlak en vrek worden mijns inziens vooral met een f uitgesproken. Waarom worden ze dan niet gewoon als zodanig opgeschreven? Dan kunnen woorden als wrak en wreed mooi met de “vrijgekomen” v geschreven worden.
 
Verder blijkt het moeilijk te zijn veel medeklinkers achter elkaar uit te spreken. Zo verdwijnt de scherpe ch-klank van woorden als Scheveningen als er nog een medeklinker achter komt: zo wordt schrijven meer als “srijven” uitgesproken. Dat lijkt me een mooie reden om wat inkt uit te sparen door geen ch meer op te schrijven.
 
Tot slot moet ik nog iets opmerken over hoofdletters. In het Duits wordt het tekstbeeld vooral door het regelmatig opduiken van hoofdletters bepaald, in een sms-taal als het Frans zijn ze daarentegen erg zeldzaam. Het Nederlands lijkt in dat opzicht meer op het Frans. Het “tekstbeeld” is erg rustig in het Nederlands, ook omdat Nederlandse woorden weinig ontsierende tekens (zoals accenten en umlauten) bevatten. Desondanks staan de “onrustige” en “elitaire” hoofdletters in het Nederlands onder druk, wat ertoe heeft geleid dat gedurende de geschiedenis steeds minder woorden met hoofdletters werden geschreven. Nu zijn de afkortingen aan de beurt. Ingeburgerde afkortingen als “tv”, “cd” en “aids” worden opeens met kleine letters geschreven. Het vermommen van afkortingen als woorden lijkt mij geen goed idee. Bovendien worden sommige afkortingen (zoals DNA) wel weer met hoofdletters geschreven. Ingewikkeld! Laten we daarom alsjeblieft afkortingen met hoofdletters blijven schrijven – of desnoods met klein kapitaal zoals in veel boeken al gebruikelijk is.
 
Al met al zou ik het volgende willen voorstellen:
- de v en de z blijven in de stam staan
- vl- en vr- veranderen naar fl- en fr-
- wr- verandert naar vr-
- schr- verandert naar sr-
- stam + t niet na een werkwoord dat op een d eindigt
- afkortingen met hoofdletters schrijven
 
Dit was het tweede deel van suggesties voor een nieuwe, logischere spelling van onze taal. Binnenkort zal ik de spelling in praktijk testen.

26-05-2013

Formule 1 op zijn smalst

Rosberg heer en meester in Monaco
 
Robin Frijns zei het al: de organisatie van de GP van Monaco is een ramp. De Grand Prix in het vorstendom liep dan ook uit op een enorme farce: het was 78 ronden lang treintjes rijden achter de onbedreigde winnaar Nico Rosberg.
 
Vrijdag: Donderdag: domme ongelukken
Hoewel het weer in Europa al tijden van slag is, was daar aanvankelijk nog weinig van te merken in Monaco: het was zonnig en warm. Wel regende het crashes. Zo klapte Felipe Massa nog voor de eerste bocht van het circuit in de vangrail, met een enorme crash als gevolg. Grosjean was eveneens bedreven in het afschrijven van bolides. Keer op keer parkeerde hij zijn Lotus in de vangrails, waarmee hij zijn monteurs de nodige overuren bezorgde.
 
Zaterdag: zwemmen
In de kwalificatie regende het dan echt. Massa's auto was nog niet gerepareerd, dus ging de kwalificatie zonder hem verder. Ook Bianchi kon al snel uitstappen na een technisch defect. De wisselende omstandigheden zijn voor Giedo van der Garde een mooie gelegenheid om zich flink in de kijker te rijden. Hij grijpt die kans dan ook met beide handen aan en kwalificeert zich knap als vijftiende, voor onder anderen Pastoor, DRS'ta, Gutiérrez en teamgenootje Pic. Daarmee was hij de verrassing van de kwalificatie. De pole ging uiteindelijk naar Rosberg, die Luis ("my pace was sucking") naast zich zag op de eerste startrij. Fattle was derde, voor Webber, Räikkönen en Alonso. Kortom: de grijze bolides hadden weer de eerste startrij ingenomen en de verwachting was dat ze op zondag het hele veld zouden ophouden - iedereen kent de bandenproblemen bij Mercedes inmiddels.
 
Pirelli gooit eigen glazen in
Die voorspelling kreeg een geheel nieuwe dimensie door een opzienbarende onthulling: bandenleverancier Pirelli zou in het geniep een bandentest hebben uitgevoerd met Mercedes. De teams van Red Bull en Ferrari waren ziedend over de gang van zaken en tekenden protest aan tegen het team van Roß Brawn. Geen beste beurt van Pirelli dus, dat na de Grand Prix van Spanje al de nodige kritiek kreeg te verwerken en bovendien nog geen contract voor volgend jaar heeft. Een breuk met de formule 1 dreigt.
 
Behoedzaam
Of we daar echt rouwig om moeten zijn, valt nog te bezien, want de Grand Prix van Monaco was niets meer dan een optocht. Bij de start behielden de grijze bolides ternauwernood hun leidende posities, waarna Rosberg het tempo bepaalde en zeer behoedzaam reed. In het achterveld deed Van der Garde zijn goede werk van zaterdag teniet door op Pastoor te klappen, die op zijn beurt zijn voorvleugel had beschadigd op de achterkant van Pic. Het betekende dat beide coureurs zich bij hun team kwamen melden voor een nieuwe voorvleugel en een setje nieuwe banden. Terwijl de rest van het veld - zoals voorspeld - achter de Mercedes-trein zit, kunnen Pastoor en Van der Garde op de limiet rijden, waardoor ze in de beginfase de snelste auto's op de baan zijn.
 
Steenezel
De eerste uitvaller van de race is Pic, die bij de pitingang met een rokende motor stilvalt. Het zorgt voor wat ongemak bij DRS'ta, die uit het gedrang probeert te komen door een vroege pitstop. De eerste reguliere pitstops vinden later plaats. In de middenmoot en achterhoede stoppen de eerste coureurs vanaf de 22e ronde en geven daarmee het sein aan de koplopers om de klepel maar eens goed omlaag te drukken. Zelfs Van der Garde komt binnen voor alweer zijn derde setje rubber. Vooraan komen Webber, Räikkönen en Alonso al vrij vroeg binnen. Ook Massa, die vanuit de achterhoede nog weinig had laten zien, komt binnen. Even later klapt hij op precies dezelfde manier als in de training in de muur. De klap is nu nog heftiger en helemaal groggy wordt de Braziliaan uit zijn wrak gehesen.
 
Blunderende Mercedes
Het ongeval zorgt voor een safetycarsituatie. Fattle stopt direct en wordt tot zijn stomme verbazing op de baan door de Mercedes van Bernd Mayländer opgewacht. Het duurt even voordat de bestuurder van de langzaamste wagen op de baan doorheeft dat dit een van die races is waarin Fattle niet domineert, dus gaat hij op zoek naar de Mercedes van Rosberg. Die staat op dat moment in de pits. Luis moet nog op de servicebeurt van zijn teamgenoot wachten en ziet zich tot zijn afgrijzen terug tot achter de Red Bulls, die kennelijk hebben gereden alsof hun leven ervan afhing. Een merkwaardige situatie. Achteraf bleek Luis een te groot gat naar zijn teammaat te hebben laten vallen, waardoor hij zijn plek aan de Red Bulls verloor.
 
Opwinding
Eveneens opmerkelijk is dat Van der Garde zich nog mag ontdoen van zijn rondje achterstand, waardoor de race pas na acht lange rondes wordt vrijgegeven. Het tweede deel van de race is erg opwindend, met veel auto's dicht bij elkaar. Zo probeert Luis Webber een oor aan te naaien, terwijl achter de rug van Räikkönen genoeg gebeurt: na Alonso getoucheerd te hebben, ziet Button zijn teammaat opeens voorbijvliegen. Chicko doet even later op hetzelfde punt een poging bij Alonso, die noodgedwongen de chicane moet afsnijden. De wedstrijdleiding is echter van mening dat Alonso voordeel heeft gehaald uit de actie en sommeert hem de plek terug te geven.
 
Pastoor de hekken in
Op dat moment is de race echter stilgelegd door een ander imposant ongeluk: Pastoor wordt door Chilton de muur in gedrukt en ontwricht meteen de hele bandenstapel. Bianchi kan niet meer op tijd stoppen en beschadigt de voorkant van zijn bolide, maar hij kan nog verder - net als zijn teamgenoot overigens. Wel krijgt Chilton een drivethroughpenalty als de race wordt herstart.
 
Inhaalacties
In het derde deel van de race is Subtiel goed onderweg: hij haalt achtereenvolgens Button en Alonso in. Beide keren is hij sneller in de haarspeldbocht. Chicko is daarentegen weer sneller op het snelste punt van het circuit: zijn auto accelereert goed en keer op keer kan hij bij het aanremmen voor de havenchicane zijn slag slaan. De inhaalactie op Räikkönen slaagt echter niet: beide wagens missen de chicane. Even later gaat het achterin helemaal mis als Grosjean op hetzelfde punt boven op Ricciardo knalt en zijn dramaweekend op een passende manier afsluit: hij haalt de pits nog wel, maar de schade aan de ophanging is te groot om nog verder te rijden. Ricciardo's auto is wel perte totale en door de brokstukken op de baan rukt de safetycar nogmaals uit.
 
Heethoofden
Met nog iets meer dan tien ronden te gaan maakt Rosberg zich op voor het staartje van de race. Fattle, Webber en Luis blijven hem trouw volgen, maar achter hen ontstaat een gat. Aangemoedigd door zijn teambaas en de inconsequente wedstrijdleiding probeert Chicko het opnieuw bij Räikkönen. Wat had hij immers te verliezen? De kans bestond dat Räikkönen om een aanvaring te verhinderen de chicane zou afsnijden, waardoor hij van de wedstrijdleiding zijn positie moest inleveren. Räikkönen was dat niet van plan en laat ditmaal geen ruimte meer over aan de binnenkant. Chicko rijdt zich klem tussen de Lotus en de vangrail. De onderdelen vliegen van zijn bolide, maar hij kan door. Zijn auto lijkt onbeschadigd, terwijl Räikkönen een slow puncture te pakken heeft en zich met het schuim om de mond bij zijn team komt melden voor nieuwe banden.
 
Heldendaad
Chicko is dan nog de held van de race, maar ook hij heeft schade opgelopen. Als Subtiel, de echte held van de race, hem passeert, is het hek van de dam. Button glipt meteen ook langs zijn teamgenoot, die hem bijna nog op een schouderduw trakteert, waarna hij Alonso nog even in de weg zit, om zijn bolide vervolgens maar naast de baan te parkeren.
 
Räikkönen rukt op
De race wordt doodeenvoudig gewonnen door Rosberg, voor een vrolijke Fattle en een dodelijk verveelde Webber. Luis werd vierde, voor Subtiel en Button. Alonso, die in de file achter Perez zijn plek aan Button was kwijtgeraakt, werd zevende. Vergne reed vrij onzichtbaar naar de achtste plaats, terwijl DRS'ta, die liet zien dat je best kan inhalen in Monaco, negende werd. De verbeten strijdende Räikkönen werkt zich in de slotfase nog omhoog. In de laatste ronde verdrijft hij Hülkenberg nog van de tiende plaats en pakt hij toch weer een WK-puntje. Voor Van der Garde eindigt de race in mineur: door zijn bandenproblemen ziet hij zelfs Chilton in de slotfase nog passeren - en heel hard bij hem vandaan rijden. Zijn geluk was dat Bianchi door een geëxplodeerde remschijf al was uitgevallen - er ging verbazingwekkend veel mis bij Maroussia. Nu bleef het bij een vijftiende (en laatste) plek bij de finish, dezelfde plek als waar hij gestart was.
 
Farce
Al met al was de Grand Prix van Monaco een optocht die slechts door een aantal domme fratsen van de usual suspects enigszins het aanzien waard was. Pirelli drukte wat al te nadrukkelijk zijn stempel op de race, terwijl de wedstrijdleiding ook een heleboel race-inzicht leek te missen. Nee, dit was de formule 1 op zijn smalst.

24-05-2013

Terugblik BSG-Pinkstertoernooi

Afgelopen weekend werd de 28e editie van het door BSG georganiseerde Pinkstertoernooi gehouden. Het toernooi stond in teken van een aantal experimenten om het spektakel te verhogen, waarmee het heel vernieuwend was. Het aantal deelnemers deed daarentegen oude tijden herleven.
 
Aanvankelijk was het voor mij nog onduidelijk wat mijn rol was tijdens het toernooi: wilde men dat ik verslagjes ging schrijven, of kon men prima zonder? De communicatie was niet helemaal helder en doordat er nog een trouwerij en een verjaardag tussendoor kwamen, werd het er niet makkelijker op. Uiteindelijk heb ik me toch maar beziggehouden met de verslaggeving en het inkloppen van partijen. Ik heb er geen spijt van gekregen. Hoewel ik het idee had dat niemand de verslagen las, kreeg ik aan het eind van het toernooi van de deelnemers de nodige complimenten. Dat gaf me een erg goed en voldaan gevoel!
 
Het toernooi was uiteindelijk ook een succes: er waren significant meer deelnemers dan voorheen. De afgelopen jaren schommelde het deelnemersaantal rond de honderd of iets erboven, dus waren de 139 deelnemers van dit jaar een ruime verbetering. Mogelijk had dit ermee te maken dat het toernooi gefuseerd was met een regionaal kampioenschap. Anders kwam het vast door de afsluitende vluggertjes: om het spektakel te vergroten had toernooiorganisator Lennart Ootes bedacht om de top 8 in plaats van de slotronde een snelschaak-knock-outtoernooi te laten spelen. Het betekende dat de winnaar tot de laatste snik moest vechten voor zijn geld. Het maakte uiteindelijk weinig uit: Dimitri Reinderman stond na het reguliere toernooi bovenaan en won vervolgens ook het snelschaaktoernooi. Inclusief bonus voor het winnen van beide toernooien nam hij de helft van het totale prijzenfonds mee naar huis - afgezien van het geld dat de SGS ter beschikking had gesteld voor het Persoonlijk Kampioenschap. Dat kampioenschap werd gewonnen door verliezend finalist Robin Swinkels, die al bijna was vergeten dat hij lid was van een club binnen de SGS.
 
In ieder geval trok het snelschaakgedeelte veel bekijks, met een hele haag van mensen die zich in allerlei bochten wrongen om iets van de partijen te zien. Helaas veroorzaakte dit weer overlast bij de andere spelers in de A-groep, die nog wel een "gewone" partij speelden. Dat is nog altijd het nadeel van het Denksportcentrum: het is eigenlijk te klein voor een groot weekendtoernooi als dit: er is bijvoorbeeld geen analyseruimte of een extra zaal om de snelschaakpartijen in te houden. Je zou kunnen zeggen dat het toernooi een beetje aan zijn succes ten onder ging. Gelukkig heb ik weinig echte klachten gehoord over de toernooiopzet.
 
Wel blijven er altijd verbeterpunten over:
 
  • BSG-jeugd - de BSG-jeugd schitterde weer eens door afwezigheid. Zonde, want de B-groep van het Pinkstertoernooi is een prima opstartklasse om toernooi-ervaring op te doen. Ik weet niet of niemand kon, of dat ze niet van het bestaan van het toernooi afwisten. Het lijkt me een gemiste kans.
  • Prijzengeld - de verdeling van het prijzengeld was zo scheef dat zelfs de winnaar het vreemd vond. Vooral het gegeven dat de geldprijzen na het reguliere toernooi niet gedeeld werden, oogstte verbazing.
  • Bar - pas ter elfde ure werden de vrijwilligers voor de bar gepolst. Niet erg slim. Het aanbod was dit jaar redelijk divers - er waren alleen al tien soorten bier - en er waren voor zover ik weet geen tekorten (afgezien van het witbrood voor de tosti's op de slotdag). Wel klaagden sommigen over de woekerprijzen die gerekend werden.
  • Spektakelprijs - er was een prijs voor de spectaculairste, mooiste of beste partij van het toernooi. Helaas werd de prijs steeds weer met een andere naam aangeduid. Daarnaast waren er elke ronde themaprijzen, prijzen voor schaakpartijen die te maken hadden met een bepaald (abstract) schaakthema (eindspelen, paardenpaar, enz.). Misschien een tip voor volgend jaar om die thema's lang van tevoren te bedenken en eventueel vast te leggen. Hoewel de themaprijzen een stuk serieuzer waren dan de 23e-zetprijs van vorig jaar, leerde de ervaring dat niet alle thema's zich even goed lenen voor toernooipartijen.
  • ... - laat ik nog even open, eventueel in te vullen door iemand anders.
Dan nu nog een terugblik op de verslagjes die ik heb gemaakt.
 
Dit is duidelijk niet mijn verslag. Ik zal het oordelen maar aan een ander overlaten. Het openingsverslag is het belangrijkste verslag, omdat je het toernooi kunt introduceren en de veranderingen ten opzichte van het vorige toernooi kunt benadrukken.
 
2e ronde: In het eindspel laten de meesters hun kracht zien
Na twee ronden zijn er nog acht spelers met de volle honderd procent. Dat ging bij sommigen zonder al te veel moeite, terwijl het anderen heel wat meer zweetdruppels kostte. Ratingfavoriet Dimitri Reinderman behoorde tot de eerste categorie. Rob Witt had met wit niet veel in te brengen en werd vrij snel overspeeld. Ook Lars Ootes won zonder al te veel gekkigheid. Hij kende een redelijk voorspoedige partij tegen Melkpak, sinds het NK Internet beter bekend als Vesley Valsspeler.
 
Een lang verslag en meteen ging ik met een gestrekt been in op Wesley Vermeulen. Het verslag barst van de fragmenten ("maak er geen levenswerk van!"), met een vrij duidelijke lijn erin: van eindspelen (het thema van de ronde) via kwaliteitsoffers naar dameoffers, om af te sluiten met het paardenpaar (het thema van de ronde erna).
 
Tot slot nog de running gag om Waldemar Moes op de hak te nemen:
Eveneens in zijn nopjes was Вaлдэмap Мyc over zijn partij tegen Robbert Meijer. In het Russisch kwam hij geen moment in gevaar en koerste hij als een volleerd kapitein af op een stevige remise. Daar hadden de stuurlui aan wal niet van terug.
 
3e ronde: Reinderman en Ootes aan kop
 
Terwijl Sjoerd Plukkel op het kapotte livebord geplukkeld werd door Lars Vistisen, speelden de overige liveborden remise. Zo weigerde Jaap Vogel tegen Quang Long Le van het dak te vallen.
 
Tja, in schaakkringen is het werkwoord "plukkelen" wel redelijk bekend. Verder vond ik het nog wel grappig een verwijzing naar het Songfestival te maken. De derde ronde was tevens de ronde van het spektakelstuk Riemersma - Köhler (de twee smaakmakers van het toernooi) en twee fraaie slotzetten.
 
4e ronde: Een heleboel nieuwe Bosbomen
De vierde ronde was vooral een grote Bosboom-verering: nu vielen er bonuspunten te verdienen met de opstoot g2-g4 of …g7-g5. De spelers hadden dat goed in hun oren geknoopt.
 
De vierde ronde stond in het teken van Manuel Bosboom (een Bosboom, twee Bosbomen), een speler die bekendstaat om zijn creatieve en agressieve spel. Wel een beetje vreemd om een themaprijs te vernoemen naar een van de deelnemers... Overigens stelde Bosboom niet teleur door met zwart inderdaad de zet ...g7-g5 te spelen - weliswaar in een stelling waar dat heel gebruikelijk is, maar dat mocht de pret niet drukken. In ieder geval werden er veel aanvalspartijen gespeeld en die kwamen ook keurig in het verslag. Zelfs John Markus behaalde een mooie aanvalsoverwinning. Een mooie ronde.
 
5e ronde: Mat!
Jarenlang leidde het SGS-kampioenschap een wegkwijnend bestaan. Door het schrappen van de Halve Finales stond er weinig meer op het spel en dus hadden weinig spelers trek om in een of ander bejaardencentrum hun schaakkunsten te vertonen. Het toernooi integreren met een traditioneel weekendtoernooi bleek een gouden zet: beide toernooien werden er een stuk interessanter door. De strijd om de beide kampioenschappen ligt nog volledig open – al is dat ook de verdienste van de experimentele toernooiformule. Koploper Reinderman leed zijn eerste puntverlies en zag Riemersma langszij komen.
 
Hoewel het verzinnen een goede titel steeds lastiger werd, kon ik dat weer compenseren met informatieve inleidingen. Het thema was mat, wat natuurlijk het einddoel van het schaakspel is, en inderdaad werden sommige partijen op die manier beslist, vaak bewust mogelijk gemaakt door de verliezende partij - zie Riemersma - Klein, de uiteindelijke schoonheids-/spektakelprijs. Normaalgesproken geeft men lang voor het mat op, zoals Waldemar Moes deed:
 
Veel hoger lag het tempo in het SGS-duel tussen Jaap Houben en Wjaldjemjar Musk. De zwartspeler was amper uit zijn openingsboek toen hij gigantisch werd toegetakeld.
 
Verder hadden we in de B-groep ook nog een ongelukkige telefoonnul. Misschien dat de organisatie kan besluiten om het afgaan van een telefoon niet met een dikke nul te bestraffen, maar op een ludiekere manier. Ik ben nooit een voorstander van de regel geweest en om me heen hoor ik steeds meer mensen die het ook maar een k*tregel vinden. Iets om over na te denken.
 
6e ronde: 4½ punt is de norm
De slotdag is alweer aangebroken en dus wordt de spanning voelbaar. Hoe zou de nieuwe toernooivorm het houden? De koplopers in de A-groep hadden hun rekenmachines alvast paraat, want met welk resultaat zouden ze in de finale komen? Voor hen was de zesde ronde tevens de laatste van het toernooi.
 
Tijdens de prijsuitreiking had ik het verslag van de zesde ronde af. Uiteindelijk scoorden vier spelers vijf punten en vier 4½. Dat kwam dus mooi uit voor de snelschaakfinale. Die score was niet weggelegd voor Melkpak:
 
Door de overwinning kwam Klein op 4½ uit 6, genoeg voor de gedeeld 5e t/m 8e plaats. Diezelfde score was er voor Manuel Bosboom. Tegenstander Wesley Vermeulen had zijn gebruikelijke bravoure ingewisseld voor angst en ontzag. Gelaten liet hij zich door het snelschaakwonder aan alle kanten lekprikken.
 
Verder kwam Armen Hachijan zijn partij nog inleveren voor de schoonheidsprijs/spektakelprijs/bestepartijprijs. Helaas, voor zo'n prijs is meer vereist dan je stukken goed neerzetten en wachten op rare fratsen van de tegenstander.
 
Heel erg in zijn nopjes was Armen Hachijan over zijn partij tegen Frans Arp. Gezegd moet worden dat zijn tegenstander al snel in de selfdestruct-mode ging: (...)
 
7e ronde: Pinkstertoernooi 2013: Nieuwe toernooiformule, oude winnaar
De snelschaakafsluiting kon hem niet van zijn stuk brengen: Dimitri Reinderman won het 28e BSG-Pinkstertoernooi. Verliezend finalist Robin Swinkels werd SGS-kampioen. De B-groep werd door David Rutten, Seth van der Vegt, Kevin van Brummelen en Wayne Welch gewonnen.
 
Een minpuntje in het slotverslag is dat ik niks heb gezegd over de enorme haag van mensen die zich om de snelschaakpartijen vormde. Verder kwam ik er later achter dat ik niet erg consequent was met voorletters wel of niet noemen in de uitslagen. Ditmaal geen partijfragmenten - daar leent het snelschaken zich ook niet zo voor. De rest van het toernooi, het grootste gedeelte van de A-categorie en de B-categorie, heb ik maar een beetje links laten liggen. Alleen de strijd om de toernooizege was interessant. Ik denk dat de volgende fragmenten alles wel zeggen over het toernooi:
 
Winner takes almost all
“Een geweldig systeem”, knipoogde de winnaar na afloop. Doordat hij zowel in het reguliere toernooi als in de vluggertjes als winnaar naar voren kwam, leverde het toernooi hem nog een leuke bonus van 150 euro op, bovenop de 1000 euro aan prijzengeld. In ieder geval had Reinderman zijn status als hoogsteratinghouder waargemaakt en kreeg het Pinkstertoernooi een oude winnaar: na zijn zegetochten in 2009 en 2010 won de 40-jarige grootmeester opnieuw.
 
Swinkels werd tot zijn verbazing nog wel tot SGS-kampioen gekroond, en werd op het podium geflankeerd door Ootes en Riemersma. “En Bosboom dan?”, hoor ik u vragen. Het is inderdaad een wat gecompliceerd verhaal, maar het kwam erop neer dat de 50-jarige meester door zijn lagere eindklassering in het reguliere toernooi niet in aanmerking kwam voor de SGS-titel.

7e ronde
De overige spelers in de A-groep speelden nog één “lange” partij, hoewel het begrip “lang” in deze context een rekbaar begrip was: sommige spelers gaven al na enkele zetten remise, anderen (Quang Long Le en Fred Slingerland) zaten nog lang na het laatste snelschaakpotje te ploeteren.
 
(...)
 
Tot slot werden er nog wat extra prijzen uitgereikt, zoals verlate themaprijzen en een prijs voor de beste partij. Dit leidde tot ongeloof bij Riemersma, die eerst Köhler ervandoor zag gaan met zijn themaprijs en vervolgens werd opgescheept met een abonnement voor het tijdschrift New in Chess voor de beste partij van het toernooi (de partij Riemersma – Klein). Jammer genoeg had hij dat blad al.
 
Zo, dat was het weer voor dit jaar. Ik heb genoten van de verslagen en alle pogingen om met woordgrappen en absurde beeldspraak de aandacht van de lezers vast te houden. Natuurlijk kunnen deze verslagen altijd beter, dus als iemand verbeterpunten kan opnoemen, dan hoor ik het graag.

12-05-2013

Alonso domineert, Hamilton diep triest

Bandenoorlog

Het formule 1-circus is weer in Europa aangekomen. Op het Catalaanse Circuit de Catalunya kwam Fernando Alonso als winnaar uit de slijtageslag. Hij won onbedreigd voor eigen publiek, voor Räikkönen en Massa. Lijstaanvoerder Fattle werd op grote afstand vierde.

Verrassingen op zaterdag
Voorafgaand aan het weekend waren de teams aan het pochen over de meegebrachte updates. In die drie weken tussen de Grand Prix van Spanje en die van Bahrein waren de nodige slimmigheden uitgedacht. De pikorde kon weleens helemaal anders zijn. Vooral het team van Caterham, dat in Bahrein al wat nieuwe onderdelen had uitgeprobeerd, kon optimistisch zijn. Die dekselse Maroussia's konden eindelijk verslagen worden! Opmerkelijk genoeg lukte dat alleen Giedo van der Garde. Charles Pic komt niet verder dan de laatste tijd. Au! Maar er zat in ieder geval een stijgende lijn in, in tegenstelling tot het team van Williams. Stond Pastoor vorig jaar nog op pole, dit jaar haalde hij Q2 niet eens. Ook bij Sauber lukt niks meer. En wat te denken van Button? Die is slechts veertiende, terwijl Chicko achtste is. Nee, de winnaars van de kwalificatie waren de Mercedes'. Opmerkelijk is dat Rosberg Luis opnieuw te snel af is. De Finse Duitser was eveneens verrast: hij had de auto juist meer afgesteld voor de race, zodat hij niet weer door iedereen om de oren gereden zou worden. Hij beschouwde de pole maar als een leuke bonus. Fattle was met zijn derde plek nog "best of the rest", voor Räikkönen en Alonso.

Grijze baksteen
Op de racedag zijn de omstandigheden goed voor Mercedes: het is niet heel warm, dus misschien viel de bandenslijtage nog mee. Ook bij de start gaat alles nog naar wens voor Rosberg. Hij behoudt de leiding, al laat Luis zich verrassen door Fattle. Achter hen gaat Alonso langs Räikkönen, om vervolgens Luis ook nog buitenom in te halen. Ondertussen is Massa naar een zesde plek opgerukt (hij kreeg drie startplaatsen straf omdat hij Webber in de weg had gezeten in de kwalificatie) en rijdt de top zes weg bij de rest van het veld, aangevoerd door Chicko.

Rosbergs tempo is niet erg indrukwekkend en het lijkt slechts een kwestie van tijd voordat Fattle en Alonso hem passeren. Dat blijkt echter niet zo gemakkelijk te gaan: inhalen is nog steeds ontzettend moeilijk op het Spaanse circuit. Rosberg is bovendien erg snel in de laatste sector, waardoor hij op het lange rechte stuk van start/finish niet in de problemen komt.

Door de hoge bandenslijtage beginnen de pitstops al in ronde zeven. Een ver teruggevallen Webber komt zich als eerste bij zijn team melden voor nieuwe banden. Even later komt de rest ook binnen en dat brengt de als negentiende (!) gestarte Gutiérrez kortstondig aan de leiding. Achter zijn rug wordt Rosberg belaagd door Alonso, Fattle en Massa. Alonso, die Fattle bij de pitstops heeft verschalkt, DRS't zich langs de polesitter, die even van slag is en gelijk ook Fattle en Massa ziet passeren. Iets meer moeite heeft Räikkönen met de Mercedes, maar als hij er even later ook voorbij is, is Rosbergs rol vooraan uitgespeeld. Met de andere Mercedes gaat het niet bepaald beter: Luis is al naar de grijze middenmoot teruggezakt.

Al snel wordt er afgetrapt voor de tweede serie pitstops. Voor Van der Guard is de veelbelovende Spaanse Grand Prix dan ook maar meteen afgelopen: een wiel wordt niet goed gemonteerd en loopt eraf. Stom, stom, stom. Giga kon niet veel anders doen dan een driewieler bij zijn team afleveren, wat Caterham bovendien op een fikse boete kwam te staan: je mag een coureur niet instrueren om met een ondeugdelijke auto rond te rijden. Daarmee werd Van der Guard de tweede uitvaller van de race, nadat Grosjean door een kapotte achterwielophanging eveneens een hinkende bolide bij zijn team kon afleveren.

Vooraan proberen Fattle en Räikkönen de Ferrari's te verslaan door vast te houden aan een driestopstrategie, terwijl de Ferrari's wel vier stops gaan maken. In de paar rondjes die Fattle en Räikkönen langer op versleten banden moeten doorrijden, verliezen ze echter gigantisch veel tijd. Vooral Fattle lijkt aan het eind van de stints bijna stil te staan. Alonso heeft de twee al snel weer in het vizier, waardoor hij na de pitstops ruimschoots aan de leiding gaat, met teamgenoot Massa op de tweede plaats.

Räikkönen komt na zijn stop net voor de deur bij Rosberg op de baan. Wel zit hij vlak achter Fattle, die al snel weer alle kanten begint op te glijden en spoedig door the Iceman wordt ingerekend. Achterblijver Bianchi ziet het voor zijn neus gebeuren. Hij blijft rondenlang achter de Red Bull van de wereldkampioen aanhobbelen. Räikkönen maakt ondertussen jacht op Massa, die het moeilijk heeft op zijn versleten banden. Dus komen hij en Alonso in dezelfde ronde naar de pits.

De derde serie pitstops is in volle gang en dat zorgt ook nu weer voor brokken: Hülkenberg let bij het wegrijden niet op en klapt boven op Vergne, waardoor hij meteen nog een pitstop kan maken voor een nieuwe neus. Vergne krijgt even later merkwaardig genoeg een lekke band, die ook zijn race ruïneert.

Ondertussen is de stand vooraan ook wel bepaald: Räikkönen blijft na de laatste serie pitstops Massa voor, maar hij kan Alonso niet meer bedreigen. Ondertussen kiest Fattle alsnog eieren voor zijn geld en bezoekt hij voor de vierde keer zijn monteurs, om met een wat magere vierde plek genoegen te nemen. Het spektakel is verderop te vinden, waar de verschillende strategieën in de slotfase samenkomen. Webber heeft zich dankzij een agressieve strategie opgewerkt naar een vijfde plaats, maar achter hem moet Rosberg alle zeilen bijzetten om DRS'ta voor te blijven. De wat norse Schot jaagt op de Mercedes die in de kwalificatie zo snel was. Verderop doet de jammerlijk teruggevallen Subtiel (zijn eerste pitstop liep in de erwtensoep) hetzelfde bij Luis. De McLarens strijden voor de achtste plek. Button, die in de openingsfase zijn handen vol had aan Van der Garde, ligt door een uitgekookte driestopstrategie ineens voor zijn teamgenootje. Spannend! En ondertussen rijdt Gutiérrez op nieuwe banden de snelste raceronde.

Helaas (?) blijft alles zoals het was en wint Alonso voor Räikkönen, Massa, Fattle en Webber. Rosberg blijft DRS'ta net voor, terwijl Button en Chicko nog net in de "lead lap" komen binnenhobbelen. Een puik optreden van Ricciardo werd met één punt mager beloond, terwijl Gutiérrez de onbeloonde held werd van de race.

Door zijn overwinning voor eigen publiek doet Alonso weer helemaal mee in het kampioenschap. Eindelijk heeft hij een auto waarmee hij de Red Bulls kan uitdagen. En zelfs meer dan dat. Dat kan de Lotus ook. Door een bekeken tweede plaats naderde de totaal onverschillige Räikkönen Fattle op vier WK-punten. Alonso heeft nog altijd een gat van zeventien punten te overbruggen. Hij zal dus moeten hopen dat hem geen rare dingen overkomen als in Maleisië of Bahrein. Verder is Luis door zijn droevige nulresultaat (voorlopig) geen titelkandidaat meer. Een herhaling van vorig jaar dreigt voor Mercedes.


Rondetabel GP van Spanje 2013: gebaseerd op de lapchart (een lijnenspel dat dezelfde informatie geeft als de rondetabel, maar dan warriger.)